Naar hoofdinhoud

Artikel 5

Het tussentijds vaststellen van de subsidie in geval van niet, niet geheel of niet op de voorgeschreven wijze uitgevoerde activiteiten vanwege de energieprijsstijgingen en daarmee samenhangende energiekosten

Onderdeel van Beleidsregel Energiecrisis maatschappelijke en culturele organisaties voor subsidies gemeente Schiedam 2023

1.. Voor activiteiten die aantoonbaar als gevolg van de stijgende energieprijzen en -kosten niet, niet geheel of niet op de voorgeschreven wijze doorgang hebben kunnen vinden, stelt het college de hoogte van de subsidie vast aan de hand van de volgende elementen: De aanvraag om subsidie; De subsidieverleningsbeschikking; De aanvraag tot vaststelling van de subsidie; De redenen voor het niet, niet geheel of niet op de voorgeschreven wijze hebben kunnen uitvoeren van de activiteiten waarvoor de subsidie is verstrekt; De relatie van die redenen met de stijgende energieprijzen en -kosten; en De vraag of er sprake is van minder inkomsten of van aantoonbaar noodzakelijk gemaakte redelijke kosten. 2.. Het college stelt de subsidie vast overeenkomstig het bedrag dat aan subsidie is verleend, indien: De aanvrager de activiteiten aantoonbaar niet, niet geheel of niet op de voorgeschreven wijze heeft kunnen uitvoeren door de stijgende energieprijzen en -kosten; De aanvrager heeft aangetoond dat hij het volledige bedrag dat aan subsidie is verleend daadwerkelijk heeft besteed en heeft moeten besteden aan de (voorbereiding van de) organisatie van de activiteiten waarvoor de subsidie is verleend; en De aanvrager aantoonbaar minder of geen inkomsten heeft genoten die aan de activiteit zijn verbonden waardoor zijn kosten geheel of gedeeltelijk worden gedekt. 3.. Het college stelt de subsidie lager vast, indien: De aanvrager de activiteiten aantoonbaar niet, niet geheel of niet op de voorgeschreven wijze heeft kunnen uitvoeren door de stijgende energieprijzen en daarmee samenhangende -kosten; De door de aanvrager aantoonbaar noodzakelijk gemaakte kosten lager zijn dan het bedrag dat aan subsidie is verleend; en De aanvrager aantoonbaar minder of geen inkomsten heeft genoten die aan de activiteit zijn verbonden waardoor zijn kosten geheel of gedeeltelijk worden gedekt. 4.. Wanneer aan het bepaalde onder 3 is voldaan wordt de subsidie vastgesteld op de aantoonbaar gemaakte kosten minus de gegenereerde inkomsten en de verkregen tegemoetkoming uit regelingen van andere overheden of derden.

Rechtspraak bij dit artikel