Naar hoofdinhoud
In het bij of krachtens deze subsidieregeling bepaalde wordt verstaan onder: aanvraagjaar: het jaar waarin de subsidieaanvraag wordt ingediend. Dit is het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft; ASV: Algemene subsidieverordening gemeente Krimpenerwaard 2023; college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Krimpenerwaard; doelgroep-peuter: een peuter met een indicatiestelling voor voorschoolse educatie (VE); IBK: Integraal beleidskader sociaal domein gemeente Krimpenerwaard 2021-2025 (Vooruitgang door verbinding); initiatief: een voorgenomen activiteit die bijdraagt aan de doelstellingen in het IBK en de MAG; inkomensverklaring: een officiële verklaring van de Belastingdienst met daarin inkomensgegevens over een bepaald belastingjaar; inwoner: de persoon die zijn hoofdverblijf heeft in de gemeente Krimpenerwaard; jaarlijkse subsidie: subsidie voor activiteiten met een structureel karakter die voor een of meerdere kalenderjaren wordt verstrekt; kinderopvangtoeslag: een tegemoetkoming van het Rijk in de kosten van kinderopvang; kleine kernen subsidie: subsidie voor een kern waarin maximaal 1 VVE aanbieder gevestigd is die niet rendabel kan zijn door kleine kernen problematiek. Deze aanbieder dient een aantoonbaar exploitatietekort te hebben; landelijk Register Kinderopvang (LRK): register waarin alle kindercentra, gastouderbureaus en voorzieningen voor gastouderopvang zijn opgenomen die voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen; MAG: De maatschappelijke agenda waarmee het college op 30 november 2021 heeft ingestemd; marktfalen: als de werking tussen vraag en aanbod verstoord is. Specifiek voor de peuteropvang: als er geen volle bezetting van de groep mogelijk is door te weinig peuters in de betreffende kern en er geen mogelijkheden zijn tot uitbreiding; maximumuurtarief: de maximale uurprijs voor dagopvang in een kindercentrum zoals vastgelegd in het Besluit Kinderopvangtoeslag; opvangvoorziening: voorziening waar (VE) peuteropvang aangeboden wordt niet zijnde gastouderopvang of buitenschoolse opvang; ouder: ouder in de zin van de Wet kinderopvang; ouderbijdrage: financiële vergoeding die ouders moeten betalen voor de afname van peuteropvang. De hoogte van de ouderbijdrage wordt bepaald aan de hand van de tabel kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst; ouderverklaring geen recht op kinderopvangtoeslag: een document waarop de ouder verklaart geen recht te hebben op kinderopvangtoeslag zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzaalwerk. Als bewijsstuk moet hierbij een Inkomensverklaring gevoegd worden; peuter: een kind in de leeftijd van 2 tot 4 jaar; peutermonitor: een tool die ontwikkeld is door Bureau Innovatienul13 om peuteraanbod, peuter- bereik en financiën inzichtelijk te maken voor gemeenten; peuteropvang: een vorm van kinderopvang waar opvang geboden wordt aan peuters van 2 tot 4 jaar voor maximaal 8 gesubsidieerde uren per week, verdeeld over minimaal 2 dagdelen. Waar nodig worden deze uren gevarieerd naar leeftijd aangeboden; radermodel: onderverdeling van de gemeentelijke beleidsdoelen in 8 op elkaar afgestemde maatschappelijke (sub)doelen. subsidie (VE) peuteropvang: subsidie waarbij de deelnemende peuter eenheid is van subsidie; subsidiejaar: het jaar waarover de subsidie wordt aangevraagd en is toegekend. Dit jaar ligt na het aanvraagjaar; subsidieregeling: een nadere regeling zoals bedoeld in artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening 2019 (ASV); subsidie scholingskosten VVE en VVE gerelateerde programma’s: deze subsidie per groep is bedoeld als kwaliteitsimpuls op de peuteropvang locaties; verantwoordingsjaar: het jaar waarin de verantwoording wordt ingediend over de besteding van de subsidie, dit jaar ligt na het subsidiejaar; voorschool: de voorschool is opvang voor kinderen tussen 2 en 4 jaar waar ze spelend leren. De voorschool bereidt kinderen voor op de basisschool zodat zij een goede start hebben. De voorschool is voor alle peuters van 2 tot 4 jaar. De voorschool werkt samen met een basisschool. Het programma en de manier van werken van de voorschool sluit aan bij het programma en de manier van werken in groep 1 en 2. Hierdoor is voor het kind de overgang naar de basisschool makkelijker; voorschoolse educatie (VE): uitvoering van een door het college gesubsidieerd programma dat gericht is op het verbeteren van de voorwaarden voor het met succes instromen in het basisonderwijs voor kinderen die nog niet tot een school kunnen worden toegelaten; voorschoolse voorziening: een voorziening voor kinderen van nul tot vier jaar aangaande opvang en educatie; vroeg- en voorschoolse educatie (VVE): VVE is onderdeel van het onderwijsachterstandenbeleid. Het doel is om peuters met een mogelijke (taal)achterstand, ook wel ‘doelgroepkinderen’ genoemd, beter voor te bereiden op de basisschool en er voor te zorgen dat kleuters zonder achterstand naar groep 3 kunnen. De leeftijd van de doelgroep is 2 tot 6 jaar. VVE peuteropvang: programma voorschoolse educatie van minimaal 960 uur verdeeld over 1,5 jaar voor peuters van 2,5 tot 4 jaar. Hierbij mag maximaal 6 uur per dag VE meetellen voor deze urennorm. Waar nodig worden deze uren gevarieerd naar leeftijd aangeboden. In het programma aanbod wordt voldaan aan de eisen uit het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie. Peuters van 2 tot 2,5 jaar mogen deelnemen aan de VVE peuteropvang, de uren tellen echter niet mee in de urennorm van 960 uur; WKO: Wet kinderopvang.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel