De technische en organisatorische inrichting van de gemeentelijke informatiesystemen zijn zodanig van aard en opzet dat de gegevens daarin volledig, juist, en actueel zijn. De verantwoordelijke personen en afdelingen van de gemeentelijke organisatie treffen hiervoor de nodige maatregelen.
Het is niet te voorkomen dat gegevens fouten bevatten. Een BRP-bestand zonder fouten is een nobel streven, maar is niet realistisch als concrete eis. Voor het evaluatie-instrument zijn kwaliteitsindicatoren opgesteld voor de gegevens die in de BRP zijn opgenomen. Deze indicatoren zijn gebaseerd op het Logisch Ontwerp en op regelgeving.
Met de kwaliteitsindicatoren wordt gemeten in hoeverre de vastgelegde gegevens voldoen aan de genoemde regelgeving. De kwaliteitsindicatoren meten niet de overeenstemming van de BRP-gegevens met de 'feitelijke werkelijkheid'.
Bij de uitgangspunten voor de beoordeling van de kwaliteitsindicatoren is het onderscheid in zes groepen van belang:
Tabel 2: Behaald percentage per klasse/groep
Groep (art 21 Reg.BRP)
Klasse
Omschrijving
Behaald percentage
Norm
1
A
Persoon en overlijden
99,98%
99.70%
B
Adres
100,00%
99.70%
C
Relaties
99,94%
99.60%
2
D
Identificatienummers en nationaliteit
99.98%
99.50%
E
Overig algemeen
99.99%
99.50%
3
F
Administratief
99.98%
99.40%
Als kwaliteitsnorm bij het bepalen van de kwaliteit van de BRP-gegevens accepteert de gemeente Lingewaard een foutenpercentage zoals deze vermeld is in de kwaliteitsmonitor.
Daarnaast is het van belang dat de gegevens die over iemand zijn opgenomen in de BRP overeenkomen met de werkelijkheid. Om die reden wordt er fors geïnvesteerd in de voorkoming van dergelijke fouten, bijvoorbeeld door adrescontroles uit te voeren, versterking van de samenwerking met ketenpartners en door actief in te zetten op preventie en bestrijding van fraude.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.6
Artikel 2.6.1.2
Norm voor integriteit
Onderdeel van Informatiebeveiligingsplan BRP met de regeling beheer en toezicht