Naar hoofdinhoud
1.. De leden, plaatsvervangers en burgerleden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. 2.. De leden en de plaatsvervangers (art. 5 lid 1) alsmede de burgerleden (art. 5 Lid 2) worden voor een termijn van vier jaar benoemd. 3.. Leden en plaatsvervangers (art. 5 lid 1) kunnen na de benoemingstermijn nog één keer voor een nieuwe periode van vier jaar worden herbenoemd. 4.. Burgerleden (art. 5 lid 2) kunnen na de benoemingstermijn nog twéé keer voor een nieuwe periode van vier jaar worden herbenoemd. 5.. Afgetreden leden zijn één jaar na hun aftreden weer benoembaar. 6.. De leden worden op eigen aanvraag ontslagen. Zij kunnen voorts worden geschorst en ontslagen wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel