Naar hoofdinhoud

Artikel 5.

Procedure

Onderdeel van Verordening nadeelcompensatie gemeente Borne 2024

1.. Als advies wordt ingewonnen bij een adviescommissie, informeert het bestuursorgaan de aanvrager en belanghebbenden. 2.. Bij de toepassing van de artikelen 4:7 en 4:8 van de Algemene wet bestuursrecht wordt naast de aanvrager voor zover van toepassing betrokken: degene die de activiteit verricht en met wie een overeenkomst als bedoeld in artikel 13.3c, eerste lid, van de Omgevingswet is gesloten, en, als sprake is van een schadeveroorzakend besluit naar aanleiding van een aanvraag, zoals geregeld in artikel 13.3d van de Omgevingswet, de aanvrager van dat besluit of degene die de toegestane activiteit verricht, tenzij: de schadevergoeding redelijkerwijze voor rekening behoort te blijven van het bestuursorgaan, of de schadevergoeding voldoende op een andere manier is verzekerd. 3.. Het college van burgemeester en wethouders stelt aan de adviseur of de adviescommissie alle op de aanvraag betrekking hebbende informatie, alsmede de voor de beoordeling daarvan naar het oordeel van de adviseur of van de adviescommissie noodzakelijke bescheiden ter beschikking. 4.. De adviescommissie organiseert één of meerdere hoorzittingen, waar de aanvrager, de vertegenwoordiger(s) van het college van burgemeester en wethouders en eventuele andere belanghebbenden zoals genoemd in lid 2 in de gelegenheid gesteld worden gesteld om hun standpunt inzake de aanvraag om schadevergoeding kenbaar te maken. 5.. Indien nodig zal de adviescommissie de situatie ter plaatste bezichtigen en de aanvrager voor de plaatsopneming uitnodigen. 6.. Indien een taxatie nodig is, zal de adviescommissie een afspraak maken met de aanvrager. 7.. Van de in het vierde lid bedoelde hoorzitting en van de in het zesde lid bedoelde bezichtiging wordt door, dan wel onder verantwoordelijkheid van, de adviescommissie een verslag gemaakt, dat onderdeel vormt van het uit te brengen advies. 8.. Alvorens een advies uit te brengen zendt de adviescommissie binnen twaalf weken na de dagtekening van de opdracht tot advisering een concept daarvan aan de gemeente, aan de aanvrager en aan eventuele andere belanghebbenden als bedoeld in lid 2. 9.. De adviescommissie kan deze termijn onder opgaaf van redenen met ten hoogste vier weken verlengen. 10.. De aanvrager, het college van burgemeester en wethouders en eventuele andere belanghebbenden als bedoeld in lid 2 worden in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken na de toezending van het concept advies schriftelijk hierop te reageren. 11.. In het geval tijdig reacties zijn ingediend, brengt de adviescommissie binnen vier weken na het verstrijken van de in het tiende lid bedoelde termijn een advies uit aan de aanvrager, het college van burgemeester en wethouders en eventuele andere belanghebbenden als bedoeld in lid 2 waarbij de betreffende reacties zijn betrokken. 12.. In het geval geen of niet tijdig reacties zijn ingediend, brengt de adviescommissie binnen twee weken na het verstrijken van de in het achtste lid bedoelde termijn een advies uit aan de aanvrager, het college van burgemeester en wethouders en eventuele andere belanghebbenden als bedoeld in lid 2.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel