Naar hoofdinhoud
1. Het college biedt de raad voor 15 juli van het begrotingsjaar een nota aan met een voorstel voor het beleid en de financiële kaders van de begroting voor het volgende begrotingsjaar en de meerjarenraming. De raad stelt deze nota vóór 1 augustus van het begrotingsjaar vast. 2. Bij het vaststellen van de begroting stelt de raad een post voor incidentele onvoorziene uitgaven vast. Deze bedraagt tenminste € 200.000 en ten hoogste 0,5% van het lastentotaal, exclusief mutaties in de reserves van de begroting.

Rechtspraak bij dit artikel