1. Borgstellingen en garanties worden uitsluitend verstrekt ten behoeve van de publieke taak van de gemeente.
2. Het college is bevoegd tot het verstrekken van borg- en garantstellingen.
3. Een aanvraag voor het verstrekken van een borgstelling wordt schriftelijk ingediend bij het college.
4. Het college beslist niet op een aanvraag tot het verstrekken van een borgstelling dan nadat het de raad in de gelegenheid heeft gesteld zijn wensen en bedenkingen kenbaar te maken.
5. Bij het verzoek worden ten minste de volgende gegevens overlegd:
a. het doel van de geldlening waarvoor de borgstelling wordt aangevraagd en een onderbouwing in welke mate de geldlening bijdraagt aan de publieke taak van de gemeente Halderberge;
b. het voorstel van de financiële instelling die de lening gaat verstrekken;
c. een begroting en een dekkingsplan van de activiteiten waarvoor de lening wordt aangegaan;
d. een bewijs dat het doel niet te realiseren is zonder lening waarvoor de borgstelling wordt aangevraagd;
e. een bewijs dat de lening niet wordt verstrekt zonder borgstelling door de gemeente;
f. aanvullende stukken waaruit onder meer blijkt dat de aanvrager voldoende kredietwaardig is om aan de verplichtingen van de lening te voldoen (zoals bijvoorbeeld de statuten en een actuele liquiditeitsplanning);
g. en als de aanvrager een onderneming is:
i. de jaarrekening van de voorgaande twee jaar;
ii. een opgave van subsidies, vergoedingen of tegemoetkomingen in welke vorm ook met staatsmiddelen bekostigd, die al zijn of zullen worden ontvangen voor de activiteiten van de onderneming.
6. Indien er een beroep gedaan kan worden op een waarborgfonds en dat waarborgfonds de voorwaarde heeft dat de gemeente eveneens borg staat voor (een deel van) de lening, dan dient het verzoek voorzien te zijn van het besluit en de financiële toets van het waarborgfonds. Bij de beoordeling van het verzoek zal de gemeente Halderberge gebruik maken van de expertise van het betreffende waarborgfonds. Alleen indien dit noodzakelijk wordt geacht, zal aanvullend onderzoek door de gemeente plaatsvinden.
7. Bij het verstrekken van een borgstelling is sprake van het verstrekken van een subsidie als bedoeld in artikel 4:21, eerste lid van de Awb waarop naast de overige bepalingen uit dit artikel de volgende bepalingen van kracht zijn:
a. dit treasurystatuut is een zelfstandig wettelijk voorschrift voor het verstrekken van subsidies als bedoeld in artikel 4:23, eerste lid van de Awb;
b. deze regeling is een uitzondering zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid van de Algemene subsidieverordening Halderberge. De bepalingen van de Algemene subsidieverordening gemeente Halderberge zijn niet van toepassing;
c. het college beslist op de aanvraag binnen 12 weken nadat het volledige verzoek is ingediend;
d. het college kan de termijn zoals genoemd in het zesde lid onder c eenmalig verlengen met ten hoogste zes weken;
e. binnen zes weken nadat de te financieren zaken zijn gerealiseerd, legt de aanvrager schriftelijk verantwoording af over het gebruik van de lening waarvoor de borgstelling is verstrekt;
f. de wijze van vaststelling van de subsidie (de borgstelling) wordt opgenomen in de overeenkomst als bedoeld in het negende lid van dit artikel.
8. Het college kan aanvullende voorwaarden stellen aan het verstrekken van de borgstelling en de verantwoording.
9. De afspraken en voorwaarden voor de borgstelling worden nader uitgewerkt in een overeenkomst als bedoeld in artikel 4:36 Awb.
10. Aanvragen voor borgstellingen worden in ieder geval afgewezen als:
a. de borgstelling zonder tussenkomst van de gemeente geheel via een waarborgfonds kan lopen;
b. louter sprake is van rentabiliteitsafwegingen (goedkoper lenen en risico afschuiven op gemeente);
c. de aanvrager over voldoende alternatieven beschikt om in de financiering te kunnen voorzien, bijvoorbeeld het eigen vermogen;
d. de omvang van de lening dusdanig hoog is dat de hieraan verbonden risico’s in alle redelijkheid voor de gemeente niet meer verantwoord zijn;
e. er sprake is van ongeloorloofde staatssteun;
f. bij de aanvraag niet wordt voldaan aan de voorwaarden uit dit artikel;
g. de aanvrager niet voldoet aan de door het college gestelde aanvullende voorwaarden.
11. Ongeacht het voorgaande informeert aanvrager het college onverwijld schriftelijk over:
a. beslissingen of procedures die zijn gericht op de beëindiging van de activiteiten waarvoor de geldlening is aangegaan;
b. relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische situatie van aanvrager;
c. ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat de aanvrager de aan de lening verbonden verplichtingen niet, niet tijdig of niet geheel zal kunnen nakomen;
d. wijziging van de statuten.
12. Indien de gemeente als borg wordt aangesproken voor de betaling van rente en aflossing van de geborgde lening, blijft deze betaling als schuld op de geldnemer rusten, vermeerderd met de op het moment van aanspraak geldende rente.
13. Als een bij of krachtens deze regeling gestelde termijn of voorwaarde voor een aanvrager gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de te dienen belangen, kan het college daarvan afwijken.
14. Toepassing van het vorige lid wordt gemotiveerd in het besluit en hiervan wordt verslag gedaan aan de raad.