Naar hoofdinhoud
In deze verordening wordt verstaan onder: aanvangshuurprijs: de huurprijs bij de start van de huurovereenkomst; aanvangskoopprijs: de koopprijs bij het sluiten van de koopovereenkomst; DAEB‐norm (Diensten-van-Algemeen-Economisch-Belang-norm): de inkomensgrens bedoeld in artikel 48, eerste lid, van de Woningwet; eerste ingebruikname: de datum waarop de woning na bouwoplevering op grond van de huur- of koopovereenkomst aan de huurder of koper ter beschikking wordt gesteld; eigenaar: diegene die bevoegd is tot het in gebruik geven van dan wel het treffen van voorzieningen aan een gebouw of gedeelte daarvan; huishouden: alleenstaande met of zonder kinderen die een gemeenschappelijke huishouding voert of twee personen met of zonder kinderen, die een duurzame gemeenschappelijke huishouding voeren; huurprijs: de prijs die bij huur per maand is verschuldigd voor het enkele gebruik van een woonruimte, uitgedrukt in een bedrag per maand; inkomen: rekeninkomen als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder i, van de Wet op de huurtoeslag; middeldure huurwoning: de zelfstandige geliberaliseerde huurwoning voor middenhuur als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid onder j, van het Besluit ruimtelijke ordening; sociale huurwoning: huurwoning als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid onder d, van het Besluit ruimtelijke ordening; sociale koopwoning: de zelfstandige koopwoning als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid onder e, van het Besluit ruimtelijke ordening waarbij een in deze verordening bepaalde maximale koopprijs van toepassing is; woning: zelfstandige woonruimte.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel