Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 6.

Artikel 6.1

Bewindvoering, mentorschap en curatele

Onderdeel van Beleidsregels individuele bijzondere bijstand gemeente Enschede 2023

1.. Er bestaat recht op bijzondere bijstand voor de kosten van een door de kantonrechter ingesteld beschermingsbewind, mentorschap of curatele. 2.. Voor het vaststellen van de noodzaak van de bijzondere bijstand sluit het college aan bij de beschikking van de kantonrechter. Uit de beschikking blijkt welke bewindvoerder, mentor of curator er is benoemd en voor welke werkzaamheden kosten in rekening gebracht mogen worden. 3.. Het college baseert de hoogte van de bijzondere bijstand op de beloning die door de kantonrechter bij de benoeming is vastgesteld overeenkomstig de Regeling beloning curatoren, bewindvoerders en mentoren. 4.. Bij een eerste aanvraag dient de bewindvoerder, curator of mentor een plan van aanpak in te leveren, welke ook bij het verzoekschrift aan de rechtbank wordt overgelegd. 5.. Wettelijk gezien is periodieke bijzondere bijstand met terugwerkende kracht niet mogelijk. Een uitzondering wordt gemaakt voor de eerste aanvraag voor de kosten van bewindvoering. Als de bewindvoerder de aanvraag indient binnen 1 maand na uitspraak van de rechtbank, dan is de ingangsdatum afhankelijk van de datum uitspraak, de 1e of de 16e van de maand. 6.. Het college kent periodieke bijzondere bijstand toe voor de periode van maximaal 12 kalendermaanden, tot en met de laatste dag van de maand van de betreffende toekenningsperiode, tenzij er op een eerder moment al geen recht meer bestaat op de bijzondere bijstand. 7.. Als er sprake is van schuldenbewind kent het college bijzondere bijstand toe voor de periode dat de kantonrechter schuldenbewind heeft ingesteld, tot een maximale periode van 3 jaar. Een periode van 3 jaar kan ook worden ingesteld indien er sprake is van blijvende psychische klachten. 8.. Het college verleent geen bijzondere bijstand voor: de kosten van beheer van een pgb als ook zorg in natura mogelijk is. de intakekosten en kosten griffierecht als er geen noodzaak is tot het wisselen van bewindvoerder, curator en/of mentor. 9.. Voor de kosten gemaakt na het overlijden van de inwoner bestaat geen recht meer op bijzondere bijstand. Deze kosten vallen dan in de boedel.

Rechtspraak bij dit artikel