Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3.

Artikel 3.1

Probleemstelling

Onderdeel van Integraal Veiligheidsbeleid Oosterscheldebekken 2023-2026

Sinds enkele jaren staat de aanpak van georganiseerde, ondermijnende criminaliteit ook bij gemeenten nadrukkelijk op de bestuurlijke agenda. Dat is nodig want de verwevenheid tussen boven- en onderwereld groeit. Dit heeft een ontwrichtende invloed op onze samenleving en is een aantasting van het gezag van de overheid. Ook landelijk krijgt het thema prioriteit en wordt veel geld vrijgemaakt om deze vorm van criminaliteit aan te pakken. Decennia lang heeft de overheid weggekeken bij de aanpak van ondermijnende criminaliteit, of is er onvoldoende prioriteit aan toegekend. Afgelopen jaren is dat tij aanzienlijk gekeerd en is de samenwerking tussen gemeenten en andere partijen geïntensiveerd en geprofessionaliseerd. Er is o.a. ingezet op een gestructureerde aanpak van specifieke fenomenen, vergroten van de handhavingscapaciteit, meer integraliteit en opleiding en training. Echter is de strijd tegen ondermijning nog lang niet gewonnen, niet in Nederland en niet in Zeeland. In Zeeland komen verschillende vormen van georganiseerde criminaliteit voor. Er worden drugs geproduceerd, er worden drugs verhandeld en er vindt logistiek plaats om drugs van a naar b te vervoeren. Daarnaast hebben we in Zeeland te maken met vormen van mensenhandel, fraude en witwaspraktijken. De Zeeuwse havens vormen een kwetsbare locatie. De havens beslaan relatief grote gebieden, met veel verschillende gebruikers en beperkt toezicht. Het verkeer dat gebruik maakt van de havens komt overal ter wereld vandaan. De goede positie van Nederland voor wat betreft de logistiek is op dezelfde manier goed voor de georganiseerde criminaliteit. De havens in Zeeland hebben de handen ineen geslagen en vormen samen met Moerdijk één van de landelijke mainports. Er zijn middelen beschikbaar voor de aanpak van ondermijning in de Zeeuwse havens, er is een haven overleg voor dit doeleinde en er zijn plannen opgesteld om ondermijning in de havens tegen te gaan. Naast de havens, vormen ook het buitengebied (uitgestrekt, weinig sociale controle, beperkt toezicht), de jachthavens en recreatieparken en de bedrijventerreinen in Zeeland een hotspot. Met hulp van subsidies hebben gemeenten de afgelopen jaren samen met de Taskforce RIEC projecten uitgevoerd om een aanpak van deze hotspots te ontwikkelen. Het is zaak om deze aanpak nu uit te breiden naar de rest van Zeeland en in te bedden in de reguliere aanpak. Een ander thema is de criminele uitbuiting onder jongeren. De TF RIEC heeft begin 2022 een onderzoek afgerond naar deze vorm van uitbuiting op de Zeeuwse scholen. 5% van de schoolgaande jeugd geeft aan op één of andere wijze betrokken te zijn geweest bij een vorm van criminele uitbuiting, als slachtoffer of als dader. Zeeland heeft het onderwerp ‘jeugd’ als speerpunt voor de aanpak van mensenhandel binnen de eenheid Zeeland West Brabant toegewezen gekregen. Een vervolg onderzoek, specifiek naar uitbuiting onder jongeren die gebruik maken van speciaal onderwijs, wordt nu uitgevoerd. Verwachting is dat het slachtofferschap onder deze groep kwetsbare jongeren nog groter zal zijn. Het is aan de overheid om zich weerbaar op te stellen en haar processen zo in te richten dat criminelen geen kans maken. Daarnaast zijn gemeenten een belangrijke partner in het tegengaan van ondermijning. Gemeenten ontvangen signalen, kunnen informatie verrijken, verlenen vergunningen, houden toezicht en zijn betrokken bij handhaving.

Rechtspraak bij dit artikel