Naar hoofdinhoud
In deze verordening wordt verstaan onder: bedienvergunning: vergunning voor het op de markt tegen betaling en voor consumptie ter plaatse verstrekken van voedsel of drank aan marktvergunninghouders, hun vervangers of degenen die hen bijstaan; dagplaats: standplaats die beschikbaar is voor houders van een dagplaatsvergunning; dagplaatsvergunning: vergunning voor de duur van een dag voor het op de markt bedrijven van handel; markt: door burgemeester en wethouders ingestelde reguliere warenmarkt; marktvergunning: vaste standplaats-, dagplaats of standwerkvergunning; standplaats: ruimte die voor de duur van de markt beschikbaar is voor houders van een marktvergunning; standwerkplaats: standplaats die beschikbaar is voor houders van een standwerkvergunning; standwerkvergunning: vergunning voor de duur van een dag voor het op de markt om zich heen verzamelen van publiek, om door een aansprekende uiteenzetting te proberen het publiek over te halen om artikelen te kopen; vaste standplaats: standplaats die beschikbaar is voor houders van een vaste- standplaatsvergunning; vaste-standplaatsvergunning: vergunning voor de duur van 15 jaar voor het op de markt bedrijven van handel; marktmeester: de persoon, die als zodanig is aangewezen door burgemeester en wethouders; levenspartner: de persoon met wie de vergunninghouder met het oogmerk duurzaam samen te wonen een gemeenschappelijke huishouding voert, hetgeen blijkt uit een schriftelijke verklaring ingericht volgens door burgemeester en wethouders te stellen regels; marktexploitant: de door burgemeester en wethouders aangewezen exploitant die zorg draagt voor het plaatsen van marktkramen en bijbehorend materiaal; uitzoekhandel: handel waarbij de consument kan kiezen uit meerdere soorten van een product; verkoopwagen/ markavan: een uitklapbare en/of uitschuifbare marktwagen.

Rechtspraak bij dit artikel