Naar hoofdinhoud
Voor de budgethouder gelden de volgende regels: Het PGB wordt beheerd door de Sociale Verzekeringsbank (SVB). De budgethouder dient zich te houden aan de regels die de SVB stelt. Uit het PGB op basis van een overeenkomst mag betaald worden: het maximale uurloon zoals dat bepaald is onder I en III; reiskosten hulpverlener op basis van woon-werkverkeer (€ 0,21 per km voor in 2023 gemaakte reiskosten en € 0,22 per km voor in 2024 gemaakte reiskosten, met een maximum van twee maal 25 km enkele reis per werkdag); vervanging hulpverlener bij ziekte/vakantie van hulpverlener; feestdagenuitkering tot een maximum van € 272,- bruto (één keer per jaar); Uit het PGB op basis van een overeenkomst mag niet betaald worden: bijdrage CAK; fietsvergoeding; bloemetje/cadeau hulpverlener bij ziekte of verjaardagen; schoonmaakmiddelen; loon aan mensen die gebruikelijke zorg leveren; kledingvergoeding hulpverlener; uurloon zorgverlener die gemaakt zijn voor/na de indicatieperiode; bemiddelingskosten; kosten voor belangbehartigers of tussenpersonen; administratiekosten. Terug- en invordering Het college stelt vast of de jeugdige of zijn ouder(s)/wettelijke vertegenwoordiger(s) het PGB voor diensten aan de onder het tweede lid genoemde heeft besteed, en vordert geheel of gedeeltelijk terug indien het budget is besteed aan een ander doel dan waarvoor het bestemd is. Indien de jeugdige of zijn ouder(s)/wettelijke vertegenwoordiger(s) de inlichtingenplicht heeft geschonden zoals bedoeld in artikel 8.1.2 en artikel 8.1.4., eerste lid, onderdeel a van de Jeugdwet, vordert het college geheel of gedeeltelijk het ten onrechte genoten persoonsgebonden budget terug en gaat tot invordering over zoals bedoeld in artikel 8.1.4., derde lid Jeugdwet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel