Het college kan deze nadere regels - met uitzondering van de artikelen 2, 3, 6.1, 6.2 en 10.4 - in individuele gevallen buiten toepassing laten of daarvan afwijken voor zover de toepassing van die bepalingen voor de subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de betrokken bepalingen te dienen doelen.