**1..** Het college kan ambtshalve of op verzoek een monument aanwijzen als gemeentelijk monument.
**2..** Het voornemen om toepassing te geven aan artikel 3 wordt door burgemeester en wethouders schriftelijk bekendgemaakt aan alle zakelijk gerechtigden op de onroerende zaak die vermeld staan in de openbare registers, bedoeld in artikel 8, eerste lid, van de Kadasterwet, dan wel de bij de gemeente bekende eigenaar.
**3..** Op een aanvraag om aanwijzing dient te worden besloten binnen 26 weken na ontvangst van de aanvraag. De aanwijzing bevat in ieder geval de plaatselijke aanduiding van het gemeentelijke monument, de datum van aanwijzing, de kadastrale aanduiding en een beschrijving van het gemeentelijke monument.
**4..** Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt stelt zij een erfgoedmeetlat voor het monument op.
**5..** Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt, vraagt het college advies aan de Erfgoedcommissie.
**6..** De Erfgoedcommissie brengt binnen acht weken na ontvangst van de adviesaanvraag schriftelijk en deugdelijk gemotiveerd advies uit.
**7..** Het college beslist binnen zes weken na ontvangst van het advies van de erfgoedcommissie.
**8..** Het college kan, indien daartoe naar hun oordeel gegronde redenen bestaan, de in het zesde lid of zevende lid genoemde termijn met ten hoogste acht weken verlengen.
Hoofdstuk 3
Artikel 5
De aanwijzing tot gemeentelijk monument
Onderdeel van Erfgoedverordening Breda 2022