Het is verboden in de open lucht afvalstoffen te verbranden buiten inrichtingen of anderszins vuur aan te leggen, te stoken of te hebben.
Het college kan van dit verbod ontheffing verlenen.
Onverminderd het bepaalde in artikel 1.8 kan de ontheffing worden geweigerd ter bescherming van de flora en fauna.
Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor zover:
op de Wet milieubeheer gebaseerde voorschriften van toepassing zijn;
in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Omgevingsverordening Limburg 2014;
in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door artikel 429, aanhef en onder 1 of 3, Wetboek van strafrecht;
het betreft verlichting door middel van kaarsen, fakkels en dergelijke, sfeervuren zoals terrashaarden, vuurkorven en dergelijke of vuur voor koken, bakken en braden, indien dat geen gevaar, overlast of hinder oplevert voor de omgeving.
HOOFDSTUK 5
Artikel 5.31