Bij de raad ingekomen stukken worden op een lijst geplaatst die aan de raadsleden wordt toegezonden en ter inzage wordt gelegd.
Tijdens de raadsvergadering krijgen raadsleden de gelegenheid om het college in politieke zin te bevragen over op de lijst geplaatste ingekomen stukken. Technische vragen over ingekomen stukken worden schriftelijk aan het college gesteld.
De griffier inventariseert voorafgaand aan de raadsvergadering over welke ingekomen stukken raadsleden vragen wensen te stellen.
Met toestemming van de voorzitter kunnen raadsleden ter vergadering beslissen een vraag te stellen over een niet vooraf bij de griffier aangemeld ingekomen stuk.
De raad stelt de wijze van afdoening van de ingekomen stukken vast.
Hoofdstuk 3. › Paragraaf 4.
Artikel 28.