Naar hoofdinhoud
De raad stelt uiterlijk 10 dagen voorafgaand aan de benoemingsvergadering een commissie ‘Benoembaarheid wethouder(s)’ in, die onderzoek verricht naar de benoembaarheid van een of meerdere wethouders en de raad hierover schriftelijk adviseert. De commissie bestaat uit vier raadsleden, allen uit een andere raadsfractie. De commissie wijst uit zijn midden een voorzitter aan. De kandidaat wethouder verstrekt de documenten en informatie die nodig zijn voor de in het hiernavolgende lid door de commissie te verrichten toetsing. De kandidaat wethouder maakt bovendien alle overige door hem/haar in dat verband relevant geachte informatie aan de commissie kenbaar. De commissie toetst deze en door de kandidaat wethouder op verzoek van de commissie desgewenst mondeling beschikbaar gestelde informatie in een niet openbare vergadering, waarvan geen verslaglegging plaatsvindt. De commissie toetst de van de kandidaat wethouder ontvangen documenten en informatie aan de hand van in elk geval vijf voorschriften: de artikelen 35, 36a, 10 en 41a Gemeentewet (benoembaarheidsvereisten) de artikelen 41b en 12 Gemeentewet (nevenfuncties) artikel 36b Gemeentewet (onverenigbare functies) de artikelen 41c, 15 en 46 Gemeentewet (onverenigbare of verboden handelingen) de bestuurlijke gedragscode De kandidaat wethouder wordt in de gelegenheid gesteld de documenten en aangedragen informatie mondeling toe te lichten. Op basis van de beoordeelde informatie brengt de commissie verslag uit aan de raad ten aanzien van de benoembaarheid van de aanbevolen wethouder(s) en voegt daarbij een voorstel voor een besluit. In het verslag wordt ook melding gemaakt van een minderheidsstandpunt. Het verslag en het voorstel worden minimaal een week voor de benoemingsvergadering aan de raad toegezonden. Indien de leden van de commissie tot een negatief of verdeeld advies komen, stellen zij de voorzitter van de raad hiervan in kennis. Deze treedt vervolgens in overleg met de leden van de ad hoc commissie over de aard van de bezwaren. In gezamenlijkheid wordt beoordeeld of aanvullende maatregelen en/of aanvullend onderzoek gewenst is.

Rechtspraak bij dit artikel