Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk

Artikel 3.

Artikel 3.

Onderdeel van Treasurystatuut 2023

Met betrekking tot risicobeheer gelden de volgende algemene uitgangspunten: De gemeente mag leningen, garanties of borgstellingen uit hoofde van de “publieke taak” uitsluitend verstrekken aan door de gemeenteraad of college (met in achtneming van artikel 7 van de financiële verordening) goedgekeurde derde partijen. Hierbij wordt vooraf advies ingewonnen over de financiële positie en de kredietwaardigheid van de betreffende partij. Voor het overige dienen liquide middelen te worden aangehouden in ’s Rijks Schatkist (verplicht schatkistbankieren) conform Wet Fido. Bij het uitzetten of verstrekken van middelen (waaronder garanties en borgstellingen) moet rekening gehouden worden met de staatssteun- en mededingingsregels uit het EU-verdrag. De gemeente kan middelen uitzetten uit hoofde van de treasuryfunctie indien deze uitzettingen een prudent karakter hebben en niet zijn gericht op het generen van inkomen door het lopen van overmatig risico conform de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden (Ruddo). Het prudente karakter van deze uitzettingen wordt gewaarborgd middels de richtlijnen en limieten van dit treasurystatuut.

Rechtspraak bij dit artikel