De terrasvergunning wordt voor onbepaalde tijd verleend, ongeacht het aantal dagen per jaar, dat het terras aanwezig is, met dien verstande dat de terrasvergunning vervalt in het geval dat:
voor de openbare inrichting waartoe het terras behoort een nieuwe exploitatievergunning nodig is; de terrasvergunning vervalt op het moment dat de nieuwe exploitatievergunning is aangevraagd of op het moment dat de burgemeester aan de exploitant heeft laten weten dat een nieuwe exploitatievergunning nodig is;
de burgemeester de vrijstelling die hij op grond van artikel 2:28 (exploitatie openbare inrichting), lid 3, van de APV heeft verleend, intrekt op grond van lid 4 van dat artikel; de terrasvergunning vervalt op het moment dat de vrijstelling is ingetrokken.