**1..** Tot de aan de vergunning te verbinden voorschriften kan behoren het voorschrift dat binnen een bepaalde termijn en overeenkomstig de door het college van burgemeester en wethouders te geven aanwijzingen moet worden herplant.
**2..** In het voorschrift als bedoeld in het eerste lid wordt telkens bepaald binnen welke termijn na de herplant en op welke wijze de niet aangeslagen herplant moet worden vervangen.
**3..** Tot aan de vergunning te verbinden voorschriften kunnen behoren aanwijzingen ter bescherming van in en rond de houtopstand voorkomende flora en fauna.
**4..** Een vergunning wordt verleend onder de standaardvoorwaarde dat niet tot vellen mag worden overgegaan en de vergunning pas van kracht wordt met ingang van de dag na de dag waarop de bezwaartermijn afloopt. Indien gedurende de bezwaartermijn een bezwaarschrift of een verzoek om voorlopige voorziening is ingediend, wordt de vergunning pas van kracht één week nadat op dat bezwaar of die voorlopige voorziening is beslist.
**5..** Wanneer de kapvergunning is verleend ter uitvoering van een bouwplan, een sloopplan of een ruimtelijk plan, waarvoor respectievelijk een bouwvergunning als bedoeld in de Woningwet, een sloopvergunning als bedoeld in de Bouwverordening of een aanlegvergunning als bedoeld in de Woningwet, dan wel een vrijstelling als bedoeld in artikel 19 van de Wet op de Ruimtelijke Ordening is vereist, wordt de vergunning verleend onder de standaardvoorwaarde dat niet tot vellen mag worden overgegaan en de vergunning pas van kracht wordt met ingang van de dag waarop de bouwvergunning, sloopvergunning, aanlegvergunning of vrijstelling onherroepelijk is geworden.
Hoofdstuk 4 › Afdeling 3
Artikel 4.3.5
Bijzondere vergunningsvoorschriften
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening (apv) (inclusief 1e wijziging)