Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 9.

Artikel 28.

Wangedrag binnen het vervoer

Onderdeel van Beleidsregels bekostiging leerlingenvervoer Albrandswaard 2023

Bij wangedrag van een kind in de taxi of het taxibusje wordt een stoplichtmodel gehanteerd, waarbij onderstaande maatregelen in zwaarte oplopen en in vaste volgorde worden toegepast: Er wordt er een brief gestuurd naar de ouders/verzorgers van het kind. Ook vindt er een gesprek plaats tussen de chauffeur en de ouders/verzorgers. De chauffeur maakt hier een verslag van. Het doel is verbetering van het gedrag van de leerling. Wanneer dit niet leidt tot verbetering van het gedrag stuurt het college een schriftelijke waarschuwing naar de ouders/verzorgers. Aan de hand hiervan worden zij uitgenodigd voor een gesprek. Er wordt hen dan de gelegenheid geboden het kind in het aangepast vervoer te (laten) begeleiden. Hiertoe biedt het college de ouders/verzorgers een zitplaats aan in het voertuig. Als het probleem aanhoudt, krijgen ouders/verzorgers een laatste schriftelijke waarschuwing dat het vervoer wordt beëindigd indien het gedrag van de leerling niet verbetert. Indien het gedrag van de leerling niet verbetert, het gedrag niet verwijtbaar is aan de aandoening/handicap van de leerling en indien ouders/verzorgers geen begeleiding verzorgen, kan het college besluiten het aangepast vervoer te beëindigen. Dit geldt ook wanneer het gedrag van de leerling niet verbetert, er een medische oorzaak is aan te geven voor het ontoelaatbare gedrag en dit met begeleiding onder controle te houden is. In alle gevallen zijn de ouders/verzorgers verantwoordelijk voor de begeleiding, niet het college.

Rechtspraak bij dit artikel