Naar hoofdinhoud
1.. De maatwerkregeling is van toepassing voor: vrijwilligersorganisaties die behoren tot cluster 1, die een accommodatie in gebruik hebben waarvoor ze zelf de energiekosten moeten betalen; professionele organisaties zoals bedoeld in artikel 1. 2.. Voor vrijwilligersorganisaties zoals bedoeld in het eerste lid, onder a, gelden de volgende subsidievoorwaarden: De organisatie raakt in financiële problemen door de gestegen energiekosten of deze problemen dreigen, waardoor het voortbestaan onzeker wordt. Er is aantoonbaar sprake van een stijging in energiekosten. Er moet uitputtend gebruik zijn gemaakt van de compensatiemiddelen die door het Rijk ter beschikking zijn gesteld voor stijgende energiekosten. De organisatie heeft zich voldoende ingespannen om maatregelen te nemen om de stijgende energiekosten te compenseren, zoals contributieverhoging en/of verhoging consumptieprijzen. 3.. Voor professionele organisaties zoals bedoeld in het eerste lid onder b gelden de volgende subsidievoorwaarden: De organisatie raakt in financiële problemen door de gestegen (energie)kosten of deze problemen dreigen, waardoor voortbestaan onzeker wordt. Er moet uitputtend gebruik zijn gemaakt van de compensatiemiddelen die door het Rijk ter beschikking zijn gesteld voor stijgende energiekosten. De organisatie heeft zich aantoonbaar ingespannen om maatregelen te nemen om de (energie)kosten te compenseren. 4.. De hoogte van het bedrag van de maatwerkregeling per organisatie zoals bedoeld in het tweede lid is niet hoger dan 75% van het totaal van de extra kosten. 5.. De hoogte van het bedrag van de maatwerkregeling per organisatie zoals bedoeld in het derde lid is niet hoger dan 3,74% van de verleende subsidie aan de organisatie in 2023. 6.. De hoogte van het bedrag voor kinderopvangorganisaties zoals bedoeld in artikel 1 wordt berekend over de subsidie die zij ontvangen voor voor- en vroegschoolse educatie, met inachtneming van het bepaalde in het vijfde lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel