Naar hoofdinhoud

Artikel 7.

Uitoefening bevoegdheden door de secretaris

Onderdeel van Verordening behandeling bezwaarschriften Bergen (L) 2023

1.. De secretaris oefent de volgende bevoegdheden van de hierna genoemde artikelen van de Awb zelfstandig uit: verzoeken om een schriftelijke machtiging aan een gemachtigde (artikel 2:1, tweede lid); stellen van een termijn aan de bezwaarmaker (artikel 6:6); verzenden van stukken tijdens de behandeling door de commissie (artikel 6:17); ter inzage leggen van het bezwaarschrift en de op de zaak betrekking hebbende stukken, dan wel toezenden daarvan aan een belanghebbende (artikel 7:4, tweede lid); al dan niet op verzoek van een belanghebbende afzien van het op de hoogte stellen van het verhandelde tijdens een hoorzitting van een andere belanghebbende, voor zover geheimhouding om gewichtige reden is geboden (artikel 7:6, vierde lid). 2.. De secretaris is in verband met de voorbereiding van de behandeling van het bezwaarschrift bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te doen inwinnen. De gevraagde inlichtingen worden onverwijld verstrekt. 3.. De secretaris kan op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en deze zo nodig uitnodigen om in verband daarmede ter zitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van burgemeester en wethouders vereist.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel