**1..** De voorzitter bepaalt plaats en tijdstip van de hoorzitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.
**2..** De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb.
**3..** Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan.
**4..** De voorzitter nodigt de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan ten minste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk uit.
**5..** Binnen drie werkdagen na de uitnodiging kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden of het bestuursorgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de hoorzitting te wijzigen.
**6..** De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt binnen drie werkdagen na ontvangst van dit verzoek aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het bestuursorgaan meegedeeld.
**7..** De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen, genoemd in het vierde tot en met zesde lid.
**8..** Het verwerend bestuursorgaan kan tot 10 dagen voorafgaand aan de hoorzitting een verweerschrift indienen bij de secretaris. Een later ingediend verweerschrift wordt niet opgenomen in het procesdossier, tenzij de voorzitter anders beslist.
Artikel 9.
Hoorzitting en de voorbereiding
Onderdeel van Verordening behandeling bezwaarschriften Bergen (L) 2023