Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 10 › Paragraaf

Artikel 10.10f

Beëindiging van het verbranden

Onderdeel van Verordening kwaliteit leefomgeving gemeente Enschede 2023

1. . Voor het verlaten van het terrein moet het vuur geheel worden gedoofd en de verbrandingsresten met een laag zand worden afgedekt. Voorkomen dient te worden dat vonken elders terecht kunnen komen. 2. . Eventuele resten niet verbrand materiaal, anders dan asresten van verbrand takken- en snoeiafval, moeten binnen 5 dagen na de verbranding worden verwijderd en afgevoerd naar een erkend afvalinzameling- of verwerkingsbedrijf. 3. . De stookplaats dient na beëindiging van de verbranding zoveel mogelijk in de oorspronkelijke staat te worden hersteld. 4. . Het afvoeren van niet verbrand materiaal als bedoeld in lid 2 valt onder de verantwoordelijkheid van de eigenaar van het perceel en/of de organisator van het paasvuur dan wel diens (schriftelijk) gemachtigde.

Rechtspraak bij dit artikel