Indien cliënt niet of in onvoldoende mate zijn verplichtingen nakomt zoals neergelegd in artikel 6 en 7 Wgs, besluit het college om de aanvraag voor schulddienstverlening af te wijzen of het traject te beëindigen.
Alvorens ingevolge lid 1 te besluiten tot afwijzing dan wel beëindiging, wordt cliënt eenmaal een redelijke hersteltermijn geboden om alsnog de gevraagde medewerking te verlenen of informatie te verstrekken.
Onverminderd de overige bepalingen in deze beleidsregels, besluit het college tot afwijzing dan wel beëindiging van de schulddienstverlening indien:
cliënt niet (langer) tot de doelgroep van artikel 2 behoort;
het (voorgaande) schulddienstverleningstraject succesvol is afgerond;
cliënt zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet wil gebruiken ter afdoening van zijn schulden;
blijkt dat op grond van onjuiste gegevens schulddienstverlening aan cliënt is toegekend, terwijl indien de juiste gegevens ten tijde van de besluitvorming bekend waren geweest bij het college, een andere beslissing zou zijn genomen;
cliënt zich ten opzichte van personen, belast met werkzaamheden die voortkomen uit het schulddienstverleningstraject, misdraagt;
cliënt in staat is om zijn schulden zelf te regelen dan wel in staat is de schulden zelfstandig te beheren;
de geboden schulddienstverlening niet meer aansluit op de persoonlijke omstandigheden van de cliënt en aanpassing van de schulddienstverlening niet mogelijk is;
indien de schulddienstverlening door het college niet langer noodzakelijk wordt geacht;
cliënt zijn verplichtingen zoals opgenomen in artikel 4 lid 3 niet nakomt.
Artikel 5.
Afwijzen en beëindigen
Onderdeel van Beleidsregels Schulddienstverlening gemeente Renkum 2023