Onder de aangewezen gevallen van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 16.15a, lid b. onder 1 worden verstaan:
Het bouwen van meer dan 6 nieuwe woningen;
Bouwprojecten, niet zijnde woningbouwprojecten, die groter zijn dan 1.000 m2 bruto vloeroppervlak;
Het oprichten of aanpassen van een antenne-installatie hoger dan 40 m;
Voorzieningen voor het opwekken van (duurzame) energie, zoals windturbines, zonnevelden (groter dan 1 ha) en biomassacentrales;
Het toestaan van permanente bewoning van recreatiewoningen;
Nieuwe en overige functies die strijdig zijn met een vastgestelde omgevingsvisie;
Het adviesrecht van de gemeenteraad bij buitenplanse omgevingsactiviteiten kan ook van toepassing worden verklaard door het College bij bouwprojecten (die qua aantallen onder de gestelde normen vallen bij lid 1 en 2), maar waarvan het College van oordeel is dat gezien de maatschappelijke impact hiervan het wenselijk is om deze voor te leggen aan de Raad voor advies.