Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 5. › Paragraaf 5.1

Artikel 5.1.2

Behouden van waarden

Onderdeel van Beleidskader woningsplitsingen, transformatie gebouwen naar wonen en andere wooninitiatieven

Woningsplitsing of transformatie van gebouwen mag niet leiden tot een onevenredige aantasting van de woon- of leefsituatie en van de in de omgeving aanwezige functies en waarden. Hiervan kan sprake zijn wanneer plannen een ongewenste verandering hebben op de oorspronkelijk beoogde stedenbouwkundige/ruimtelijke invulling van de directe omgeving (hierbij valt bijvoorbeeld te denken aan transformatie van bedrijfs- of winkelpanden die zorgt voor aantasting van het voorzieningenniveau, of toenemende verdichting van woning aantallen); Transformatie of splitsing van vrijstaande bijbehorende bouwwerken voor een woonfunctie is niet toegestaan; Nieuwe woningen maken onderdeel uit van het bestaande straat- en bebouwingsbeeld en zijn passend binnen de bestaande stedenbouwkundige opzet van de directe omgeving. Nieuwe woningen zijn in beginsel gericht op het bestaand openbaar gebied en zijn gelegen aan een woon- en leefstraat. Een wooneenheid achter een woning kenmerkt zich als een woning in een tweede lijn.( in de gebruikelijke stedenbouwkundige setting is dit ongewenst). Wanneer de stedenbouwkundige opzet zich hiertoe leent kan hiervan worden afgeweken; Op het eigen terrein wordt voorzien in de parkeerbehoefte. Er is sprake van voldoende parkeergelegenheid wanneer is voldaan aan de vastgestelde normen die in de beleidsnotitie “Parkeernormen gemeente Westerkwartier” voor het gebied zijn bepaald. Wanneer geen normen zijn vastgesteld dan wordt getoetst aan de meest recente parkeernormen van de CROW. Van de geldende parkeernorm kan worden afgeweken als uit een in opdracht van de initiatiefnemer uitgevoerde en door de gemeente goedgekeurde parkeerbalans blijkt dat er voldoende parkeergelegenheid aanwezig is. Bij de berekening van het aantal benodigde parkeerplaatsen voor een nieuwe ontwikkeling wordt rekening gehouden met de parkeervraag in de bestaande situatie. Dit betekent dat in het geval van sloop/nieuwbouw of functiewijziging eerst de parkeerbehoefte van de bestaande (te vervallen) functies wordt bepaald met behulp van de parkeernormen en, indien van toepassing, de aanwezigheidspercentages. De nieuwe ontwikkeling mag in beginsel niet leiden tot een toename van de parkeerdruk in het openbaar gebied; Waardevolle bouwvormen en karakteristieke elementen van een beeldbepalend pand, gemeentelijk of rijksmonument en eventuele (monumentale) bijgebouwen dienen behouden te blijven.

Rechtspraak bij dit artikel