De marktgelden als bedoeld in artikel 5 lid 1 en 2 zijn verschuldigd
bij het begin van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij
aanvang van de belastingplicht.
Indien in de loop van het belastingtijdvak de belastingplicht voor
een vaste plaats aanvangt, wordt het marktgeld berekend over de
resterende volle kalendermaanden van dat belastingtijdvak.
Indien over een periode van een vaste standplaats geen gebruik is
gemaakt, bestaat aanspraak op ontheffing voor zoveel derde gedeelte
als er na het einde van de belastingplicht nog volle kalendermaanden
overblijven, indien:
de vergunning van de belastingplichtige voor een vaste
plaats is ingetrokken;
de belastingplichtige aantoont dat deze tengevolge van
ziekte gedurende een aaneengesloten periode van tenminste
een kalendermaand de ter beschikking gestelde plaats niet
heeft kunnen innemen en de belastingplichtige gedurende die
periode de standplaats niet door een ander heeft laten
innemen.
Artikel 8
Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van marktgelden gemeente Heumen 2011