**1..** Een cliënt heeft de mogelijkheid om dienstverlening te betrekken van een persoon of organisatie behorende tot het sociale netwerk (waaronder bloed- of aanverwant in de 1e of 2e graad):
als de cliënt een gelijkwaardig of beter resultaat kan behalen als iemand uit het sociale netwerk de zorg verleent,
als dit leidt tot volwaardige dienstverlening die passend is aan de hulpvraag van de cliënt, en;
als er voldoende draagkracht, tijd en bekwaamheid is voor de inzet van een pgb.
**2..** Indien de ondersteuning geboden wordt door een bloed- of aanverwant in de 1e of 2e graad van de budgethouder, is er altijd sprake van informele hulp.
**3..** Onder bloed- of aanverwant in de 1e of 2e graad wordt verstaan: kinderen, kleinkinderen, ouders, grootouders, broers, zussen, schoonouders, schoonzussen en zwagers.
Hoofdstuk 5:
Artikel 5.2.
Pgb voor ondersteuning door een informele aanbieder
Onderdeel van Verordening maatschappelijke ondersteuning Westervoort 2023