Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 6

Wettelijke grondslag AVG

Onderdeel van Beleidsnota gebruik bodycam op het uniform van de boa 2023

De bodycams leiden tot een inmenging in de persoonlijke levenssfeer en daarmee maken ze inbreuk op een grondrecht (artikel 10 van de Grondwet en artikel 8 van het EVRM). Eén van de voorwaarden voor de beperking van dit recht is dat hier in elk geval een wettelijke grondslag voor moet bestaan. Bij het maken, opslaan en beoordelen van beelden met bodycams is sprake van het verwerken van (bijzondere) persoonsgegevens. Gelet op de doelstelling van de inzet van bodycams (het bevorderen van de veiligheid en veiligheidsgevoelens van de Boa’s) wordt het juridisch kader gevormd door de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). De verwerking van persoonsgegevens is alleen rechtmatig indien er aan een grondslag in artikel 6 van de AVG wordt voldaan. In dit geval wordt er voldaan aan artikel 6, eerste lid, aanhef en onder f, van de AVG: “de verwerking is noodzakelijk voor de behartiging van de gerechtvaardigde belangen van de verwerkingsverantwoordelijke of van een derde, behalve wanneer de belangen of de grondrechten en de fundamentele vrijheden van de betrokkene die tot bescherming van persoonsgegevens nopen, zwaarder wegen dan die belangen, voornamelijk wanneer de betrokkene een kind is.” Hoewel dit artikel niet geldt voor de verwerking door overheidsinstanties in het kader van de uitoefening van hun taken, is deze uitzondering niet van toepassing wanneer het gebruik van bodycams onder goede personeelszorg door de werkgever valt en derhalve niet wordt gebruikt in het kader van de uitoefening van de uitvoering van een overheidstaak. Het gaat er immers om of het gebruik van bodycams noodzakelijk wordt geacht voor het bieden van een veilige werkplek aan de Boa’s. Dit belang weegt zwaarder dan het belang van de persoonlijke levenssfeer zonder inmenging. De wettelijke grondslag voor de inzet van de bodycams is derhalve gelegen in artikel 3, eerste lid, aanhef en onder b, en tweede lid van de Arbowet en artikel 2.15 van het Arbobesluit.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel