Burgemeester en wethouders kunnen een financiële
tegemoetkoming dan wel een persoonsgebonden budget in de
verhuis- en inrichtingskosten als bedoeld in artikel
4.1. lid 1, onder a verstrekken aan:
de persoon met beperkingen;
een persoon, die op verzoek van de gemeente, ten behoeve
van een persoon met beperkingen de woonruimte heeft
ontruimd.
Burgemeester en wethouders verlenen slechts een
financiële tegemoetkoming dan wel een persoonsgebonden
budget als bedoeld in het eerste lid aanhef en onder a
indien:
de verhuizing niet heeft plaats gevonden voordat
burgemeester en wethouders een besluit hebben genomen
naar aanleiding van de aanvraag, tenzij zij daartoe
toestemming hebben verleend;
de persoon niet voor het eerst zelfstandig gaat
wonen;
de persoon verhuist vanuit en naar een woonruimte die
geschikt is om het hele jaar door bewoond te
worden;
de persoon niet verhuist naar een AWBZ-inrichting of een
verzorgingstehuis;
aantoonbare beperkingen als gevolg van ziekte of gebrek
het normale gebruik van de te verlaten woning
belemmeren, tenzij het een verhuizing naar een
ADL-woning betreft.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 6
Artikel 4.15
Financiële tegemoetkoming in verhuis- en inrichtingskosten
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning (WMO) 2011