In geval van huurbeëindiging van een aangepaste
woonruimte kunnen burgemeester en wethouders een
financiële tegemoetkoming verlenen aan de eigenaar van
de woning in verband met derving van huurinkomsten.
Burgemeester en wethouders kunnen in het Besluit nadere
regels maatschappelijke ondersteuning bepalen dat het
eerste lid niet wordt toegepast indien het bedrag
waarvoor de woning is aangepast minder bedraagt dan een
door hen in bedoeld besluit vastgesteld bedrag.
Burgemeester en wethouders kunnen in het Besluit nadere
regels maatschappelijke ondersteuning de duur van de
periode bepalen gedurende welke een financiële
tegemoetkoming als bedoeld in het eerste lid kan worden
verstrekt.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf 8
Artikel 4.18
Huurderving
Onderdeel van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning (WMO) 2011