Naar hoofdinhoud

Artikel 27.

Slotparagraaf

Onderdeel van Beleidsregels Wmo 2023-2 gemeente Leeuwarden

1.. Inwerkingtreding De Beleidsregels Wmo 2023-2 gemeente Leeuwarden treden in werking op 1 juli 2023, onder gelijktijdige intrekking van de Beleidsregels Wmo 2023 gemeente Leeuwarden. 2.. Overgangsbepaling Een besluit op een aanvraag wordt genomen op basis van de op de datum van het besluit geldende Beleidsregels Wmo. Een bewoner houdt het recht op de verstrekte voorziening, inclusief het daarbij verstrekte persoonsgebonden budget, ook na inwerkingtreding van nieuwe Beleidsregels Wmo, tot de einddatum van de beschikking of tot het college een nieuw besluit genomen heeft. Op bezwaarschriften wordt beslist met in achtneming van de Beleidsregels Wmo die geldig waren ten tijde van het bestreden besluit op de aanvraag. 3.. Citeertitel Deze beleidsregels worden aangehaald als ‘Beleidsregels Wmo 2023-2 gemeente Leeuwarden’. BIJLAGE – RICHTLIJN OMVANG HULP BIJ HUISHOUDEN (behorend bij Artikel 13) Bij de start van de Wmo (in 2007) heeft het CIZ een richtlijn Indicatieadvisering Hulp bij het Huishouden en Praktische Thuisondersteuning opgesteld. In 2011 is door de MO-zaak naar aanleiding van jurisprudentie, ervaringen uit de praktijk en de modelverordening van de VNG een herziene versie van de richtlijn opgesteld. Bureau HHM ontwikkelde, op basis van onafhankelijk en objectief onderzoek, het Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2019. Het HHM-normenkader wordt in de gemeente Leeuwarden gebruikt als richtlijn voor het bepalen van de benodigde omvang van de individuele maatwerkvoorziening Hulp bij Huishouden. Daar waar vanuit dit normenkader geen richtlijn is opgesteld hanteert de gemeente Leeuwarden de herziene richtlijn van 2011. De basis van het nieuwe normenkader ligt in: De omschrijving van te behalen resultaten De hiervoor uit te voeren activiteiten De frequentie waarmee deze activiteiten moeten worden uitgevoerd De benodigde tijd voor alle activiteiten gezamenlijk om de benoemde resultaten te kunnen behalen. De normering bij de resultaten betreft een omschreven gemiddelde situatie, bij een volledige overname door een professional, en wordt beschouwd als richtlijn. De uiteindelijke omvang wordt altijd op maat vastgesteld door te bekijken: wat de bewoner op eigen kracht, met (boven)gebruikelijke hulp, mantelzorg, vrijwilligers of andere voorzieningen kan oplossen (minder inzet/lagere omvang). of er noodzaak is meer tijd in te zetten voor de uit te voeren activiteiten op grond van bijzondere omstandigheden (meer inzet/hogere omvang). De normtijden op jaarbasis zijn omgerekend naar normtijden per week. Dat betekent dat ook voor activiteiten die bijvoorbeeld één keer in de 6 weken worden gedaan, dit omgerekend is naar een tijd per week. De professionele hulp verdeelt, in overleg met de bewoner, zelf de uit te voeren werkzaamheden en beschikbaar gestelde tijd over de weken heen, zodat uiteindelijk alle activiteiten ten behoeve van het vastgestelde resultaat worden uitgevoerd. In het normenkader is naast de directe tijd ook de benodigde indirecte tijd meegenomen. Met het normenkader kan een verantwoord niveau van een schoon, opgeruimd en georganiseerd huishouden worden gerealiseerd. Persoonlijke opvattingen van bewoners of professionals over de duur of frequentie van de activiteiten kunnen anders zijn, maar zijn niet van invloed op de vast te stellen omvang van de benodigde ondersteuning. Dit normenkader is dan leidend als richtlijn, omdat deze op basis van onderzoek met vele bewoners en professionals tot stand is gekomen. Gemiddelde situatie Een huishouden met 1 of 2 volwassenen zonder thuiswonende kinderen Wonend in een zelfstandige huisvestingssituatie, gelijkvloers of met een trap Er zijn geen huisdieren aanwezig die extra inzet van ondersteuning vragen De bewoner kan de woning dagelijks op orde houden (bijvoorbeeld aanrecht afnemen, algemeen opruimen) zodat deze gereed is voor de schoonmaak. De bewoner heeft geen mogelijkheden om zelf bij te dragen aan de activiteiten die moeten worden uitgevoerd. Er is geen ondersteuning vanuit de eigen leefeenheid, mantelzorgers, netwerk en vrijwilligers mogelijk bij activiteiten die moeten worden uitgevoerd. Er zijn geen beperkingen of belemmeringen aan de orde bij de bewoner die maken dat de woning extra vervuilt of dat de woning extra schoon moet zijn. De woning heeft geen uitzonderlijke inrichting en is niet extra bewerkelijk of extra omvangrijk. Beïnvloedende factoren Er kan sprake zijn van factoren die maken dat een situatie niet gemiddeld is en maken dat minder of meer inzet nodig is door een hogere of lagere frequentie van activiteiten of dat meer tijd nodig is per keer dat een activiteit wordt uitgevoerd. Deze factoren zijn: kenmerken van de bewoner Mogelijkheden van bewoner zelf: De fysieke mogelijkheden van de bewoner om bij te dragen aan de uit te voeren activiteiten. Dit hangt af van het kunnen bewegen, lopen, bukken en omhoog reiken, het vol kunnen houden van activiteiten, het kunnen overzien wat moet gebeuren en daadwerkelijk tot actie kunnen komen. Ook speelt de trainbaarheid en leerbaarheid van de bewoner mee. Beperkingen en belemmeringen van de bewoner, die gevolgen hebben voor de benodigde inzet. De hoeveelheid extra ondersteuning die nodig is, is leidend, niet de problematiek als zodanig. Het kan nodig zijn extra vaak schoon te maken of te wassen, doordat meer vervuiling optreedt. Bijvoorbeeld als gevolg van rolstoelgebruik, ernstige incontinentie, overmatig zweten, (ernstige) tremoren, besmet wasgoed (bijvoorbeeld bij chemokuur of Norovirus). Het kan nodig zijn de woning extra goed schoon te maken, ter voorkoming van problemen bij de bewoner voortkomend uit bijvoorbeeld allergie, astma, longemfyseem, COPD. Ondersteuning vanuit mantelzorgers, netwerk en vrijwilligers: de hoeveelheid ondersteuning die wordt geboden, waardoor minder professionele inzet vanuit de gemeente noodzakelijk is omdat een deel van de activiteiten door niet-professionals wordt gedaan. kenmerken huishouden Samenstelling van het huishouden: het aantal personen en leeftijd van leden in het huishouden. Als er sprake is van een huishouden van twee personen is geen extra inzet nodig. Dit is bijvoorbeeld wel het geval als zij gescheiden slapen, waardoor een extra slaapkamer in gebruik is. Het kan ook betekenen dat er minder ondersteuning nodig is, omdat de partner een deel van de activiteiten uit kan voeren (gebruikelijke hulp). De aanwezigheid van een kind of kinderen kan leiden tot extra noodzaak van inzet van ondersteuning. Dit is mede afhankelijk van de leeftijd en leefstijl van de betreffende kinderen en van de bijdrage die het kind levert in de huishouding (gebruikelijke hulp –leeftijdsafhankelijk). Als er inwonende kinderen zijn, zijn er vaak ook meer ruimtes in gebruik. Een kind kan eventueel ook een bijdrage leveren in de vorm van bovengebruikelijke hulp en daarmee de benodigde extra inzet beperken of opheffen. Een partner of een kind kunnen ook bijzonderheden kennen (ziekte of beperking) die maken dat extra inzet van ondersteuning nodig is. Huisdieren: door de aanwezigheid van een of meer huisdieren in het huishouden, kan door meer vervuiling extra inzet nodig zijn. Een huisdier veroorzaakt niet altijd extra benodigde inzet (een goudvis in een kom, een niet verharende hond e.d.). Een huisdier heeft vaak ook een functie ten aanzien van participatie en eenzaamheidsbestrijding. Met de bewoner moet in voorkomende gevallen overleg plaats vinden over het aantal of de aard van huisdieren en welke gevolgen hiervan wel of niet ‘voor rekening’ van de gemeente komen. Als er sprake is van veel huisdieren of (ernstig) vervuiling veroorzakende huisdieren dient de bewoner zelf een oplossing te zoeken, door het aantal terug te brengen of zelf aanvullende ondersteuning in te kopen. kenmerken woning Inrichting van de woning: extra inzet nodig door bijvoorbeeld extra veel beeldjes of fotolijstjes in de woonkamer of een groot aantal meubelstukken in de ruimte. Het gaat dan alleen om extreme situaties, waarin de inrichting een aanzienlijke extra ondersteuning vergt. Hierbij dient nader overleg met de bewoner plaats te vinden over wie wat doet in het huishouden. Bewerkelijkheid van de woning: extra inzet nodig door bouwkundige en externe factoren, bijvoorbeeld de ouderdom van het huis, de staat van onderhoud, de aard van de wand- of vloerafwerking, de aard van de deuren, schuine wanden, hoogte van de plafonds, tocht en stof, eventuele gangetjes en hoekjes. Omvang van de woning: een grote woning kan, maar hoeft niet persé meer inzet te vragen. Een extra grote oppervlakte van de in gebruik zijnde ruimtes kan meer inzet vergen om bijvoorbeeld stof te zuigen, maar kan het stofzuigen ook makkelijker maken omdat je makkelijk overal omheen kunt werken. Een extra slaapkamer die daadwerkelijk in gebruik is als slaapkamer vergt, mede afhankelijk van de samenstelling van het huishouden, extra inzet. Het uitgangspunt is dat alleen de kamers die structureel in gebruik zijn, worden schoongehouden. Resultaten Om de totale omvang van de ondersteuning te bepalen wordt de benodigde ondersteuningstijd van verschillende resultaten vastgesteld. Deze resultaten zijn: • Het huis is schoon en leefbaar • De bewoner beschikt over schone en draagbare kleding • De bewoner beschikt over primaire levensbehoeften en maaltijden Een huis is schoon en leefbaar indien het normaal bewoond en gebruikt kan worden en voldoet aan basale hygiëne-eisen. De bewoner moet gebruik kunnen maken van de woonkamer, eigen slaapvertrek, de keuken, sanitaire ruimtes en gang/trap. Het schoonhouden van de buitenruimte bij het huis (ramen, tuin, balkon ect.) maken geen onderdeel uit van Hulp bij Huishouden. Schoon staat voor: een basishygiëne borgen, waarbij vervuiling van het huis en gezondheidsrisico’s van bewoners worden voorkomen. Leefbaar staat voor: opgeruimd en functioneel, bijvoorbeeld om vallen te voorkomen. NORMTIJDEN IN UREN PER WEEK Resultaat: het huis is schoon en leefbaar Gemiddelde situatie Volledige overname 125 minuten per week Minder inzet Eigen mogelijkheden, incl. leefeenheid en netwerk per situatie afhankelijk Meer inzet Beperkingen en belemmeringen: Enig extra inzet Veel extra inzet 30 minuten per week 60 minuten per week Samenstelling huishouden 30 minuten per week Extra kamer in gebruik als slaapkamer 18 minuten per week Extra kamer niet in gebruik als slaapkamer 5 minuten per week Extra vervuiling huisdier 15 minuten per week Overige kenmerken 15 minuten per week Resultaat: de bewoner beschikt over schone en draagbare kleding Gemiddelde situatie Overname was 1-p huishouden (2 x per week) 35 minuten per week Overname was 2-p huishouden (2,5 x per week) 43 minuten per week Overname strijken 1 of 2-p huishouden 20 minuten per week Minder inzet Eigen mogelijkheden, incl. leefeenheid of netwerk per situatie afhankelijk Meer inzet Extra wasmachine per week t.g.v. beperkingen en belemmeringen 16 minuten per week Resultaat: de bewoner beschikt over primaire levensbehoeften en maaltijden Gemiddelde situatie Broodmaaltijden (2 x per dag) 15 minuten per dag Warme maaltijd 15 minuten per dag Overname boodschappen 51 minuten per week Indirecte tijd bij separate uitvoering 5 minuten per keer Minder inzet Eigen mogelijkheden, incl. leefeenheid of netwerk per situatie afhankelijk NORMTIJDEN IN UREN PER JAAR Resultaat: het huis is schoon en leefbaar Gemiddelde situatie Volledige overname 108 uur per jaar Minder inzet Eigen mogelijkheden, incl. leefeenheid en netwerk per situatie afhankelijk Meer inzet Beperkingen en belemmeringen: Enig extra inzet Veel extra inzet 26 uur per jaar 52 uur per jaar Samenstelling huishouden 26 uur per jaar Extra kamer in gebruik als slaapkamer 16 uur per jaar Extra kamer niet in gebruik als slaapkamer 4 uur per jaar Extra vervuiling huisdier 13 uur per jaar Overige kenmerken 13 uur per jaar Resultaat: de bewoner beschikt over schone en draagbare kleding Gemiddelde situatie Overname was 1-p huishouden (2 x per week) 30 uur per jaar Overname was 2-p huishouden (2,5 x per week) 37 uur per jaar Overname strijken 1 of 2-p huishouden 17 uur per jaar Minder inzet Eigen mogelijkheden, incl. leefeenheid of netwerk per situatie afhankelijk Meer inzet Extra wasmachine per week t.g.v. beperkingen en belemmeringen 14 uur per jaar

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel