Na afloop van de eerste wettelijke benoemingstermijn kunnen de leden van de rekenkamer eenmaal voor een periode van zes jaar worden herbenoemd.
De raad besluit op een beargumenteerde voordracht van de rekenkamer ten minste zes maanden voor afloop van de benoemingsperiode over het al dan niet herbenoemen van een lid.
De rekenkamer overlegt met een vertegenwoordiging van de raad over een voordracht tot benoeming of herbenoeming van een lid.
De rekenkamer doet bij de voordracht voor benoeming van leden een verklaring van het kandidaat-lid met een overzicht van de openbare functies en nevenfuncties het kandidaat-lid bekleedt.
Artikel 4