De toepassingskaarten beschrijven de kwaliteitseis waar de grond aan moet voldoen als die wordt toegepast binnen de zones in het beheergebied. Er is een kaart voor de bovengrond en een kaart voor de ondergrond.
Binnen het generieke toetsingskader moet hierbij worden gekeken naar de combinatie van bodemfunctieklassen en bodemkwaliteitsklasse op de toepassingslocatie. Daarbij is de strengste eis doorslaggevend. Dat betekent dat de toepassingseis binnen het generieke toetsingskader in het beheergebied van regio De Vallei doorgaans gelijk is aan de Landbouw/natuur. Alleen de bovengrond in de zones ‘Industrie voor 1945 (ENKA terrein Ede)’ en ‘Kleine kern’ hebben een andere generieke toepassingseis.
Onderstaande tabel vat de generieke toepassingseisen samen.
Tabel 3 Bodemkwaliteitsklassen in de toepassingskaart
Zone
Toepassingskaart Bovengrond
Toepassingskaart Ondergrond
1. Industrie na 1945
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
2, Industrie voor 1945 (ENKA terrein Ede)
Wonen
Uitgesloten van de kaart
3. Kleine kern
Wonen en gedeeltelijk Landbouw/natuur op basis van functie
Landbouw/natuur
4, Wonen na 1945
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
5. Wonen voor 1945
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
6. Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
Landbouw/natuur
In sommige zones is het mogelijk af te wijken van deze eisen, dit is beschreven in het gebiedsspecifieke beleid in paragraaf 3.5.
Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.3
Artikel 3.3.2
Toepassingskaarten
Onderdeel van Nota bodembeheer Regio De Vallei