Indien een belanghebbende de inlichtingenverplichting op grond
van artikel 17 WWB, artikel 13 IOAW en artikel 13 IOAZ niet is
nagekomen door informatie die van belang is voor de verlening
van uitkering of de voortzetting daarvan niet binnen de door het
college daartoe gestelde termijn te verstrekken, wordt een
verlaging opgelegd van tien procent van de uitkeringsnorm
gedurende een maand, onverminderd artikel 3, tweede en derde lid
van deze verordening.
De duur van de maatregel wordt verdubbeld, indien de
belanghebbende zich binnen twaalf maanden na bekendmaking van
een besluit waarbij een verlaging wordt toegepast opnieuw
schuldig maakt aan dezelfde als verwijtbare aan te merken
gedraging. Met een besluit waarmee een maatregel is opgelegd
wordt gelijkgesteld het besluit om daarvan af te zien op grond
van dringende redenen, bedoeld in artikel 6, derde lid van deze
verordening.
Indien het niet tijdig nakomen van de inlichtingenverplichting
niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag
verlenen van uitkering of een langdurigheidstoeslag, kan het
college afzien van het toepassen van een verlaging en volstaan
met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van
het niet tijdig nakomen van de verplichting.
Lid 3 wordt niet toegepast indien het niet tijdig nakomen van de
inlichtingenverplichting heeft plaatsgevonden binnen een periode
van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de
belanghebbende een waarschuwing op grond van het derde lid van
dit artikel is gegeven.
HOOFDSTUK 3
Artikel 13
Te laat verstrekken van gegevens
Onderdeel van Verordening Afstemming en handhaving WWB, IOAW, IOAZ gemeente Heumen