Voordat een verlaging wordt toegepast, wordt de belanghebbende
in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar voren te
brengen.
Het horen van belanghebbende kan achterwege worden gelaten
indien:
de vereiste spoed zich daartegen verzet;
de belanghebbende reeds eerder in de gelegenheid is
gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen en zich
sindsdien geen nieuwe feiten of omstandigheden hebben
voorgedaan;
de belanghebbende niet heeft voldaan aan een verzoek van
het college of van een derde aan wie het college
werkzaamheden in het kader van de uitkering heeft
uitbesteed, om binnen een gestelde termijn inlichtingen
te verstrekken als bedoeld in artikel 17 WWB, artikel 13
IOAW en artikel 13 IOAZ; of
het college het horen niet nodig acht voor het
vaststellen van de ernst van de gedraging of de mate van
verwijtbaarheid.
HOOFDSTUK 1
Artikel 5
Horen van belanghebbende
Onderdeel van Verordening Afstemming en handhaving WWB, IOAW, IOAZ gemeente Heumen