Ten behoeve van het schoolbezoek kent het college aan de ouders van de in de gemeente verblijvende leerling op aanvraag een vervoersvoorziening toe met inachtneming van het bepaalde in deze verordening.
Als het college toepassing geeft aan het eerste lid, verlangt het college van de ouders aan wie slechts een gedeeltelijke bekostiging van de vervoerskosten toekomt, betaling van een bijdrage tot ten hoogste het bedrag dat de ouders volgens het bepaalde in deze verordening moeten bijdragen aan de kosten van het vervoer. Weigering tot of nalatigheid in de betaling van de in de vorige volzin bedoelde bijdrage kan de aanspraak op de vervoersvoorziening komen te vervallen.
De verantwoordelijkheid voor het gedrag van de leerling gedurende de reis naar en van school berust bij de ouders.
Als de leerling een meerderjarige en handelingsbekwame leerling is, wordt de vervoersvoorziening op aanvraag toegekend aan de leerling.
Het college bepaalt bij de toekenning van de vervoersvoorziening de wijze en het tijdstip van de verstrekking dan wel de uitbetaling, en ook de tijdsduur van de toegekende vervoersvoorziening.
Het college kan bij de toekenning van een vervoersvoorziening nadere voorwaarden verbinden.
Het college verstrekt een vervoersvoorziening voor het vervoer van de leerling van de woning of verblijfplaats en/of opstapplaats naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school van de gewenste richting en terug.
Het college kan ten behoeve van de uitvoering van deze verordening nadere regels stellen.
§ 2.
Artikel 6.
Algemene voorwaarden voor toekenning van de vervoersvoorziening
Onderdeel van Verordening leerlingenvervoer De Fryske Marren