De Hoge Raad (HR) heeft begin 2017 een arrest gewezen dat aanzienlijke gevolgen voor de verjaring en de uitvoering daarvan kan hebben.1Hoge Raad, 24-02-2017, ECLI:NL:HR:2017:309 De Hoge Raad heeft bepaald dat een persoon die een zaak in bezit neemt en houdt, wetende dat een ander daarvan eigenaar is, onrechtmatig handelt tegenover die eigenaar. Dit brengt mee dat een gemeente bij bevrijdende verjaring kan vorderen dat de schade wordt vergoed die het door dat onrechtmatig handelen lijdt. Dit betekent dat als de gemeente geconfronteerd wordt met een beroep op bevrijdende verjaring waarvan de aanvrager met succes kan bewijzen dat er sprake is van bezitsverschaffing over een periode van langer dan 20 jaar (niet te goeder trouw), er de mogelijkheid is een vergoeding voor het verlies van eigendom te vorderen. De schadevergoeding kan bestaan uit een vergoeding in natura, door het terug leveren van de grond, of uit een financiële vergoeding ter hoogte van de grondwaarde. Als de bewoner de bevrijdende verjaring kan bewijzen dan gaat de gemeente akkoord maar zal aangeven dat er een schadevergoeding wordt gevorderd. Hiervoor wordt een gerechtelijke procedure gestart.
Hoofdstuk 7.
Artikel 7.1
Schadevergoeding
Onderdeel van Beleidsnotitie snippergroen gemeente Vijfheerenlanden