Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK 4.

Artikel 13.

Voorrang bij woonruimte van een bepaalde aard, grootte of prijs

Onderdeel van Huisvestingsverordening gemeente Zuidplas 2023

1.. Bij het verlenen van een huisvestingsvergunning voor woonruimte met een huurprijs tot de tweede aftoppingsgrens van de Wet op de huurtoeslag wordt voorrang gegeven aan woningzoekenden met een huishoudinkomen tot de inkomensgrens als bedoeld in artikel 1 van de Woningwet (DAEB-norm). Voor woningcorporaties gaan de toewijzingsregels op grond van de Woningwet voor op deze bepaling. 2.. Bij het verlenen van een huisvestingsvergunning voor middenhuurwoningen wordt voorrang gegeven aan woningzoekenden met een huishoudinkomen van 1,0 tot 1,8 maal de inkomensgrens als bedoeld in artikel 1 van de Woningwet (DAEB-norm). 3.. Met inachtneming van het eerste lid wordt bij het verlenen van een huisvestingsvergunning voor een aangepast woning voorrang gegeven aan huishoudens waarvan ten minste één lid een lichamelijke functiebeperking heeft en op medische gronden op een aangepaste woning is aangewezen. 4.. Met inachtneming van het eerste lid kunnen verhuurders op grond van de aard of specifieke kenmerken van een woning voorrang geven aan een specifieke doelgroep passend bij deze aard of kenmerken. 5.. Het college kan woningcorporaties toestemming geven om met inachtneming van het eerste lid voor woningen in specifieke complexen voorrang te geven aan specifieke doelgroepen. Bij de toestemming wordt vastgelegd om welke complexen en welke doelgroepen het gaat.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel