Naar hoofdinhoud
Een belanghebbende kan de vaardigheden van de Nederlandse taal aantonen door een document als bedoeld in artikel 18b, tweede lid, onderdeel c van de wet, te overleggen waaruit dit blijkt. Voorbeelden van zo’n document zijn: Rapport of diploma van een door het ministerie van OC&W erkende opleiding/onderwijsinstelling voor het volgen van Nederlandstalig onderwijs in het voortgezet onderwijs, praktijkonderwijs, (voortgezet) speciaal onderwijs of volwassenonderwijs. Rapport of diploma van Nederlandstalig onderwijs in Vlaanderen, Suriname of de Nederlandse Antillen. Rapport of diploma van een opleiding Nederlands in het buitenland. Een diploma inburgering of gelijkwaardig op A2-niveau of hoger. Een door de klant ondertekende verklaring over de beheersing van de vaardigheden van de Nederlandse taal. Een andere verklaring waaruit blijkt dat belanghebbende beschikt over de vaardigheden van de Nederlandse taal. Een ander document waaruit de beheersing van de vaardigheden Nederlandse taal blijkt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel