Naar hoofdinhoud
1.. Een activiteit, genoemd in artikel 4, komt slechts voor subsidie in aanmerking, indien: In het geval van een culturele activiteit: de activiteit van artistieke kwaliteit getuigt doordat de aanvrager vakmanschap, oorspronkelijkheid en zeggingskracht toont; In het geval van een culturele activiteit: de activiteit zich richt op publiek dat overwegend uit Schiedamse inwoners bestaat; De doelgroep waarop de activiteit is geënt en de locatie waar het plaats vindt; De activiteit (financieel) haalbaar is; en De activiteit een aanvulling op het bestaande cultuur- en evenementenaanbod is. 2.. In aanvulling op het eerste lid komen de activiteiten, genoemd in artikel 4, eerste lid, uitsluitend voor subsidie in aanmerking, indien het geheel van activiteiten primair: van sportieve, culturele, maatschappelijke, feestelijke of vermakelijke aard is; en een promotioneel en wervend karakter voor de stad Schiedam heeft. 3.. In aanvulling op het eerste lid komen slechts activiteiten voor subsidie in aanmerking, indien de aanvrager cultureel ondernemerschap aantoont. 4.. Cultureel ondernemerschap, genoemd in het derde lid, wordt aangetoond indien de aanvrager aantoonbaar uit eigen middelen aan minimaal 20% van de begrote kosten van de activiteit bijdraagt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel