Van urgentie bij dreigende dakloosheid is uitsluitend sprake bij het buiten eigen schuld of toedoen:
onvoorzienbaar moeten verlaten van een dienstwoning, omdat de werkgever de werknemer tot vrije oplevering heeft gedwongen;
moeten verlaten van een woonruimte door een gerechtelijk vonnis (geen echtscheidingsvonnis), voor zover betrokkene dit niet had kunnen voorkomen of
verliezen van een woonruimte door een calamiteit, zoals brand of overstroming.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.6.
Artikel 29.
Urgentie bij dreigende dakloosheid
Onderdeel van Huisvestingsverordening Regio Utrecht 2023, gemeente Bunnik