Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 3.2

Basisregels

Onderdeel van Gemeentelijk Groenplan Reimerswaal 2023 - 2027

Om de groene missie te bereiken volgt Reimerswaal zes basisregels: Ontwikkelingen in het groen sturen we op basis van de vier thema’s: welzijn, natuurwaarde, klimaatadaptatie en identiteit. We betrekken inwoners bij de inrichting en het onderhoud van het groen. Het groen in onze gemeente heeft een functie. Ons groen richten we in voor de toekomst. De gemeente werkt toe naar een groennorm. Ons groen is schoon, heel en veilig. De basisregels zijn de speerpunten die we gebruiken om onze groene missie na te streven. Op de volgende pagina’s worden de vijf genoemde basisregels verder beschreven. 1: “Ontwikkelingen in het groen sturen we op basis van de thema’s: welzijn, natuurwaarde, klimaatadaptatie en identiteit.” In ons groen zorgen we voor stabiliteit, maar wel met ruimte om te ontwikkelen. We letten bij het maken van keuzes in het groen vooral op de thema’s welzijn, natuurwaarde, klimaatadaptatie en identiteit. Door op basis van deze thema’s te sturen worden alle belangrijke functies van het groen meegewogen als we het groen ontwikkelen. Lichamelijk en geestelijk welzijn is voor iedereen belangrijk. Groen geeft rust in het hoofd en maakt bewegen prettiger. Daarom is groen onmisbaar voor een gezonde en prettige leefomgeving. We willen het groen optimaal laten bijdragen aan het welzijn van onze inwoners. Het groen in de gemeente is één van de belangrijkste onderdelen voor een hoge natuurwaarde. Een hoge natuurwaarde zorgt voor minder plaagdieren en helpt om de lokale – en Zeeuwse natuur gezond te houden. We willen de natuurwaarde in de kernen in stand houden en verhogen. Openbaar groen helpt bij het verminderen van de gevolgen van extreem weer. Op deze manier helpt het groen om Reimerswaal klimaatadaptief te maken. We willen de negatieve gevolgen van extreem weer verlagen. Het Reimerswaalse groen draagt bij aan hoe inwoners en bezoekers de gemeente ervaren, beleven en herkennen. Het groen is daarom belangrijk voor de identiteit. We willen een herkenbare en groene gemeente zijn, waar mensen zich thuis voelen. 2: “We betrekken inwoners bij de ontwikkeling van het groen.” Het openbaar groen in onze gemeente is een basisvoorziening die zoveel mogelijk wordt afgestemd op de plaatselijke behoeften. Om deze afstemming te bereiken betrekt de gemeente de gebruikers (vooral inwoners en ondernemers in de gemeente) bij de ontwikkeling van het groen. De gemeente doet dit op een afgewogen manier door bij iedere ontwikkeling goed na te denken over wie waarbij betrokken wordt. Omdat groen een basisvoorziening is, vindt de gemeente het belangrijk dat haar inwoners zich ook bewust zijn van het nut dat groen voor hem of haar heeft. Bij het vergroenen van de leefomgeving helpt het als de inwoners van Reimerswaal weten wat zij zelf kunnen bijdragen. De gemeente communiceert hierover via verschillende kanalen. 3: “Het groen in onze gemeente heeft een functie.” De gemeente gaat verschillende grote uitdagingen aan: woningtekort, klimaatverandering en de afname van de biodiversiteit zijn belangrijke voorbeelden hiervan. Om deze zaken het hoofd te bieden zijn maatregelen nodig die daar specifiek op gericht zijn. Dat kost ruimte, terwijl die ruimte juist niet altijd beschikbaar is. Kortom: Ondanks de groeiende druk op de openbare ruimte moeten we ook voldoende ruimte reserveren voor functies die de dorpen leefbaar houden. Om de ruimte zo goed mogelijk te gebruiken zetten we in op multifunctioneel ruimtegebruik in het groen: het groen in de gemeente is er altijd met meer dan één doel. Bij ontwikkelingen gelden de volgende uitgangspunten: Het groen past bij de functie van de plek. Het groen wordt zo ingericht dat het zich kan ontwikkelen tot een volwassen geheel dat optimaal bijdraagt aan de kwaliteit van de leefomgeving. Al het gemeentelijk groen wordt ontwikkeld met een doel dat is gericht op het versterken van de basisthema’s welzijn, natuurwaarde, klimaatadaptatie en identiteit. Groen wordt beschouwd als een functionele basisvoorziening. Het groen in de gemeente is gericht op het versterken van de functie (woonomgeving, centrumgebied, bedrijventerrein, enzovoort) van de plek. 4: “Ons groen richten we in voor de toekomst.” De gemeente streeft naar toekomstbestendig openbaar groen. Het groen wordt voor verschillende doeleinden en door allerlei mensen gebruikt. Daarom is het belangrijk dat het groen voor een langere periode aanwezig is en haar waarde tot uiting kan komen. Hiervoor is het belangrijk dat het groen van goede kwaliteit is. Groen van een goede kwaliteit is gezond, divers, functioneel, heeft de juiste omstandigheden om volwassen te worden en draagt bij aan een duurzame, prettige en gezonde leefomgeving. Maar groen staat niet op zichzelf. Een duurzame, prettige en gezonde leefomgeving wordt pas haalbaar als alle functies van de openbare ruimte (wegen, groen, water en riolering) elkaar ruimte bieden en op elkaar aansluiten. Als het gaat over toekomstgericht groen zijn bomen een belangrijk onderwerp. Bomen moeten vaak 30 tot 40 jaar groeien voordat ze hun maximale waarde bereiken. Daarna kunnen ze die waarde nog tientallen jaren behouden. Ter vergelijking: een straat heeft zijn maximale waarde direct na de aanleg, en verliest die vervolgens iedere dag een beetje. Na 30 jaar wordt de straat vervangen. De waarde van groen neemt direct na aanleg juist toe. De openbare ruimte is efficiënt aangelegd wanneer het groen behouden kan blijven als andere elementen (zoals verhardingen en ondergrondse infrastructuur) vervangen moeten worden. Voor het planten van bomen moeten veel integrale afwegingen gemaakt worden. Zo kunnen we niet overal bomen planten in bestaande woonwijken. De gemeente plant bomen op een duurzame manier. 5: “De gemeente werkt toe naar een groennorm.” Dit is een richtlijn voor de hoeveelheid openbaar groen per woning, en voor de kwaliteit die dit groen moet hebben. De groennorm is gebaseerd op landelijke cijfers en ervaringen. Bij de groennorm horen een aantal uitgangspunten: De groennorm is bij de ontwikkeling van nieuwe gebieden, zoals een woonwijk of bedrijventerrein, een regel. We duiken niet onder de norm. De groennorm is bij grote herontwikkelingen, zoals het herinrichten van grote gebieden (bedrijventerreinen, wijken of buurten) een ambitie. We proberen zo dicht mogelijk bij de norm te komen. De groennorm is bij kleine herontwikkelingen, zoals de herinrichting van een straat, park of plein, een kans. De groennorm is een streven: de gemeente streeft ernaar om in iedere wijk dichter bij de groennorm te komen. 6: “Ons groen is schoon, heel en veilig.” De inwoners van Reimerswaal hechten veel waarde aan een netjes onderhouden groene buitenruimte die ook aantrekkelijk en veilig is om in te recreëren en verblijven. De beheerkwaliteit van het groen in onze gemeente is daarom hoog. Het groen in onze gemeente is opgeruimd, met zo min mogelijk (zwerf)afval en vervuilende stoffen. Ook is het groen zoals het bedoeld is: schade wordt hersteld. De veiligheid van het groen heeft een hoge prioriteit. Zo worden de bomen regelmatig gecontroleerd om de kans op schade en gevaarlijke situaties (door takbreuk of omvallende bomen) zo klein mogelijk te houden. Ook wordt het groen zo ingericht dat het geen gevaarlijke verkeerssituaties oplevert. DE GROENNORM In de groennorm gaat de gemeente bij ontwikkelingen uit van de volgende verhoudingen: Maximaal 60% van het grondoppervlak is uitgeefbaar voor wonen. Maximaal 75% van het grondoppervlak is uitgeefbaar voor bedrijven. Minimaal de helft van het resterende grondoppervlak is groen, gereserveerd voor functies als verblijven, klimaatadaptatie en esthetisch groen. Maximaal de helft van het resterende grondoppervlak is grijs, gereserveerd voor functies zoals infrastructuur en nutsvoorzieningen. Oppervlaktewater telt niet mee in de groennorm.

Rechtspraak bij dit artikel