Naar hoofdinhoud
1.. De rekenkamercommissie is belast met en verantwoordelijk voor de uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door haar vastgestelde onderzoeksopzet. 2.. De rekenkamercommissie beoordeelt of het wenselijk is de raad tussentijds te informeren. 3.. De rekenkamercommissie is bevoegd alle documenten die berusten bij het college te onderzoeken, voor zover zij dat ter vervulling van haar taak nodig acht. 4.. Het college verstrekt desgevraagd alle inlichtingen die de rekenkamercommissie ter vervulling van haar taak nodig acht. 5.. Het college verstrekt desgevraagd aan de rekenkamercommissie de controle-programma's van hen die met controles belast zijn en licht haar volledig in omtrent de resultaten daarvan door overlegging van rapporten of op andere door de rekenkamercommissie aan te geven wijze. 6.. Indien de zorg voor een administratie aan een derde is uitbesteed, is het derde lid van overeenkomstige toepassing op de administratie van de betrokken derde dan wel van degene die de administratie in opdracht van die derde voert. 7.. De accountant als bedoeld in artikel 213, tweede lid van de wet verstrekt desgevraagd aan de rekenkamercommissie controleprogramma's en licht haar volledig in omtrent de resultaten van zijn controles door overlegging van rapporten of op andere door de rekenkamercommissie aan te geven wijze. 8.. De rekenkamercommissie is bevoegd, indien en voor zover de gemeente uit anderen hoofde over deze bevoegdheid beschikt of daartoe toestemming heeft van de betrokken instellingen, ten aanzien van de volgende instellingen en over de daarbij genoemde periode, op de wijze als in de vorige leden van dit artikel bepaald, onderzoek te doen bij: openbare lichamen en gemeenschappelijke organen ingesteld krachtens de Wet gemeenschappelijk regelingen waaraan de gemeente deelneemt, over de jaren dat de gemeente deelneemt in de regeling; naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid waarvan de gemeente meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal houdt, over de jaren dat de gemeente meer dan 50% van het geplaatste aandelenkapitaal houdt; andere privaatrechtelijke rechtspersonen waaraan de gemeente of een derde voor rekening en risico van de gemeente rechtstreeks of middellijk een subsidie, lening over garantie heeft verstrekt ten bedrage van tenminste 50% van de baten van deze instelling, over de jaren waarop deze subsidie, lening of garantie betrekking heeft. 9.. De rekenkamercommissie is bevoegd collegeleden, raadsleden, ambtenaren, externe deskundigen en bestuurders en medewerkers van instellingen als bedoeld in lid 8, uit te nodigen tot het geven van toelichtingen of het anderszins bijwonen van een vergadering. 10.. De rapporten van de rekenkamercommissie zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet Openbaarheid van Bestuur kan de rekenkamercommissie rapporten die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken. 11.. Voor de uitvoering van een onderzoek kan de rekenkamercommissie, met inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureaus inschakelen. 12.. De rekenkamercommissie stelt betrokkene(n) in de gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn, die tenminste twee weken bedraagt, te reageren op de weergave van de feitelijke informatie (concept eindrapport zonder conclusies en aanbevelingen) zoals die door betrokkene(n) is/zijn verstrekt, informatie die verkregen is buiten betrokkene(n) om en op de gevolgtrekkingen door onderzoekers die de betrokkene(n) betreffen, alvorens aan opdrachtgever wordt gerapporteerd. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van onderzoek is of is geweest. De rekenkamercommissie bepaalt wie voorts als betrokkenen worden aangemerkt. 13.. Na vaststelling door de rekenkamercommissie wordt het onderzoeksrapport inclusief de conclusies en aanbevelingen zo spoedig mogelijk, onder toezending van een afschrift aan het college en betrokkenen, aan de raad aangeboden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel