Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 1

Artikel 1.2

Handreiking ‘Aan de slag met duurzame gronduitgifte’

Onderdeel van Nota pachtbeleid 2023

In 2017 spraken negen Brabantse organisaties (Groen Ontwikkelfonds Brabant, Provincie Noord-Brabant, Staatsbosbeheer, Brabants Landschap, Natuurmonumenten, waterschap Aa en Maas, waterschap Brabantse Delta, waterschap de Dommel en waterschap Rivierenland) af dat zij voortaan voorwaarden verbinden aan de verpachting of het gebruik van hun gronden. Het ging- en gaat nog steeds specifiek om percelen die zij tijdelijk dan wel voor meerdere jaren verpachten en die veelal voor agrarische doeleinden worden gebruikt. De ervaring van de afgelopen jaren heeft geleerd dat, door samen met agrarische ondernemers te werken aan duurzaam grondbeheer, snel en relatief eenvoudig oplossingen worden gevonden voor soms lastige maatschappelijke opgaven (biodiversiteit, waterkwaliteit, klimaat, stikstofproblematiek etc.) Op initiatief van het Groen Ontwikkelfonds Brabant en de provincie Noord-Brabant zijn de ideeën en ervaringen in oktober 2020 gebundeld in de handreiking ‘Aan de slag met duurzame gronduitgifte! – lessen uit Brabant’. In deze handreiking is opgenomen dat steeds meer grondeigenaren (waaronder ook veel gemeenten) in Noord-Brabant op zoek zijn naar mogelijkheden om de pachtvoorwaarden te verduurzamen. Het werken aan een gezonde vitale bodem is voor zowel de grondeigenaar als de pachter, vaak agrarische ondernemers, immers van levensbelang. Een vitale bodem is vruchtbaar, geeft ruimte aan biodiversiteit, weert ziektes, bergt water en houdt voedingsstoffen vast en geeft gedoseerd water af. Een vitale bodem is nodig om klimaatverandering het hoofd te kunnen bieden, de kwaliteit van het grond- en oppervlaktewater te verbeteren en wateroverlast en verdroging tegen te gaan. Voorwaarden stellen aan het gebruik van grond kan helpen om doelstellingen op het gebied van duurzaamheid te realiseren. Een grondeigenaar kan, uiteraard binnen de mogelijkheden van wet- en regelgeving, duidelijke kaders stellen: ‘dit willen wij wél en dit willen wij níet’. Wel dient in het achterhoofd te worden gehouden dat de mogelijkheid van het stellen van voorwaarden m.b.t. het gebruik beperkt zijn en feitelijk alleen beperkt toepasbaar zijn bij de geliberaliseerde pacht.

Rechtspraak bij dit artikel