Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 29

Speeltoestellen en 3D-objecten

Onderdeel van Reclamebeleid 2010

Bij speeltoestellen en 3D-objecten dient te worden uitgegaan van: obstakelvrije doorloopruimte van minimaal 1,5 m in rechte lijn tussen object en trottoirband; direct (haaks of plat) tegen gevel; als overblijvende ruimte, na aftrek van doorloopruimte < 0,5 m is moet het plat tegen de gevel; max. 1 per onderneming; bij meerdere percelen max. 2; ruimte maakt deel uit van uitstalling en mag daar niet bij opgeteld worden; geplaatst in strook max. 1 m vanuit voor- of zijgevel.

Rechtspraak bij dit artikel