Bij speeltoestellen en 3D-objecten dient te worden uitgegaan van:
obstakelvrije doorloopruimte van minimaal 1,5 m in rechte lijn tussen object en trottoirband;
direct (haaks of plat) tegen gevel; als overblijvende ruimte, na aftrek van doorloopruimte < 0,5 m is moet het plat tegen de gevel;
max. 1 per onderneming; bij meerdere percelen max. 2;
ruimte maakt deel uit van uitstalling en mag daar niet bij opgeteld worden;
geplaatst in strook max. 1 m vanuit voor- of zijgevel.