Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 7

Artikel 38

Reclame aan monumenten

Onderdeel van Reclamebeleid 2010

1.. Reclame dient ondergeschikt te zijn aan architectuur en omgeving. 2.. Reclame dient zoveel mogelijk opgenomen te worden in de architectuurelementen. 3.. In principe zal niet meer dan één reclame-element aanvaardbaar zijn; voorkeur bestaat voor reliëfelementen, die al dan niet lichtgevend kunnen zijn. 4.. Een reclame-element, haaks op de gevel, mag ten hoogste 80 cm (inclusief bevestiging) buiten het gevelvlak steken. 5.. In het algemeen mogen de reclames aan gevels niet hoger worden aangebracht dan de benedenkant van de raamdorpels van de eerste verdieping. Met uitzondering van horizontaal vlak tegen de gevel aan te brengen reclameopschriften, indien de ruimtelijke omgeving van het pand voldoende groot is. 6.. Reclame aan of op een monument wordt in beginsel ontsierend geacht indien: b de reclame niet haaks op of niet evenwijdig aan het gevelvlak is geplaatst; b het reclame met verticaal aangebrachte belettering betreft; b het reclamelichtbakken zijn; b het dakreclame is; b het intermitterende reclame is; b het reclame is met dominant kleurgebruik; b het reclame in de vorm van een lichtreflexbord is; b het reclame is, aangebracht op borden, welke vervaardigd zijn van monumentonwaardig of niet-weerbestendig materiaal.

Rechtspraak bij dit artikel