Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3.1

Artikel 3.1.7

Toekomstige ontwikkelingen

Onderdeel van Nota Grondbeleid 2020-2024

De toekomstige ontwikkelingen zijn nog niet dusdanig specifiek dat de exacte invloed op het grondbeleid bekend is. De in deze nota opgenomen teksten zijn gebaseerd op de nieuwste inzichten en vastgestelde wetgeving. Toekomstige aanvullingen en veranderingen zullen halfjaarlijks in de paragraaf Grondbeleid van de jaarrekening danwel van de begroting worden beschreven. 3.1.7.1Stikstof In mei 2019 zette de Raad van State een streep door het Nederlandse stikstofbeleid Programma Aanpak Stikstof (PAS). De stikstofuitspraak legde bouwprojecten en het verlenen van vergunningen stil. Het kabinet kwam daarop in november 2019 met kortetermijnmaatregelen om de stikstofuitstoot te verminderen, zodat de vergunningverlening weer op gang kon komen. Het is een meertrapsraket: enkele maatregelen zijn ingevoerd, zoals het verlagen van de maximumsnelheid op snelwegen. Een aantal maatregelen is verder uitgewerkt, zoals de subsidieregeling voor stalaanpassingen. En er komt een aantal nieuwe maatregelen bij. Bij minstens de helft van de stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden, moet de stikstofdepositie in 2030 onder de kritische depositiewaarden liggen (KDW). De benodigde uitstootdaling komt voor de helft van maatregelen die het kabinet al heeft genomen. Circa 10% neemt het Klimaatakkoord voor zijn rekening. Aanvullende maatregelen moeten zorgen voor de andere 40%. Naast de maatregelen voor het verminderen van stikstofuitstoot aan de bron, zet het kabinet ook in op natuurbehoud en -herstel. Ook komt het kabinet voor het einde van het jaar met een plan voor het ‘mengen’ van functies in een gebied (natuurinclusiviteit genoemd). Om zeker te zijn van een dalende stikstofuitstoot de komende jaren, wil het kabinet het stikstofbeleid en de KWD-norm vastleggen in de wet. Recentelijk is ambtelijk onderzocht wat de gevolgen van het stikstof beleid zijn voor de lopende en de toekomstige projecten in de gemeente Achtkarspelen. De gevolgen blijken gering te zijn op basis van de meest recente informatie. Wijzigingen zijn echter aan de orde van de dag. De komende tijd zal het beleid nader worden uitgewerkt. 3.1.7.2Omgevingswet De Omgevingswet is een aangenomen maar nog niet ingegane Nederlandse wet die een verregaande vereenvoudiging van het stelsel van wetgeving voor de ontwikkeling en het beheer van de leefomgeving (omgevingsrecht) nastreeft. Tientallen wetten en honderden regels zullen gebundeld worden tot één nieuwe wet. Deze wet betekent een aanzienlijke inhoudelijke reductie van regels op het terrein van water, lucht, bodem, natuur, infrastructuur, gebouwen en cultureel erfgoed. Ook de Invoeringswet Omgevingswet is aangenomen. Onderdeel is een digitaal stelsel Omgevingswet (DSO), met als doel onder meer het beschikbaar stellen van informatie over de fysieke leefomgeving. Het wordt de opvolger van het digitale Omgevingsloket. De inwerkingtreding van de Omgevingswet is verschillende malen uitgesteld. In juli 2017 werd de geplande datum van 1 juli 2019 wederom uitgesteld naar een nog te bepalen datum. Op 6 oktober 2017 werd bekend dat de nieuwe datum voor de inwerkingtreding 1 januari 2021 zou zijn, maar mede vanwege de coronacrisis wordt dit opnieuw met een jaar uitgesteld tot 1 januari 2022. Het instrumentarium voor grondbeleid gaat onderdeel uitmaken van de Omgevingswet. Daarin worden de kaders vastgelegd voor onder meer voorkeursrecht, onteigening, kavelruil en kostenverhaal.

Rechtspraak bij dit artikel